Animal Rights verspreidt beelden van man die dode varkens uit stal sleept

Animal Rights heeft beelden verspreid van een Vlaams varkensbedrijf waar te zien is hoe een werknemer dode varkens uit de stallen sleept en ze vervolgens als afval aan de straatkant gooit voor ophaling. Met deze beelden wil de dierenrechtenorganisatie de aandacht vestigen op de hoge dodentol die vooraf gaat aan het slachten van varkens. Deze beelden tonen volgens Animal Rights geen uitzonderlijke situatie. “Ze zijn een weergave van de dagelijkse realiteit in de varkensindustrie”, zegt Benoit Van den Broeck van Animal Rights. “Het systeem van massaproductie, waarbij duizenden varkens samen in vleesfabrieken vetgemest worden voor de slacht, maakt het quasi onmogelijk om nog individuele aandacht en zorg te besteden aan de dieren. Zwakke, zieke of gewonde varkens krijgen amper diergeneeskundige behandelingen, want vlees moet zo goedkoop mogelijk geproduceerd worden.”

Volgens Van den Broeck sterven de dieren zonder hulp in de stal of worden ze in het beste geval uit hun lijden verlost. “Het euthanaseren van dieren in een bedrijf dient normaal gezien te gebeuren onder bedwelming. Hiertoe kunnen varkenshouders gebruik maken van een penschiettoestel of elektrische tang, voor biggen die minder dan 5 kg wegen is een slag op de kop met ernstig hersenletsel tot gevolg toegestaan. Vroegtijdige sterfte, ook wel ‘uitval’ genoemd, wordt in de veehouderij beschouwd als iets wat volstrekt normaal is”, aldus Van den Broeck.



Het gemiddelde “uitvalpercentage”, of sterftecijfer, in de Vlaamse vleesvarkenshouderij bedraagt volgens Animal Rights 3,6 procent. Dat komt neer op honderdduizenden dieren per jaar. In Vlaanderen worden bijna 6 miljoen varkens gehouden voor de productie van vlees, jaarlijks worden ruim 11 miljoen varkens geslacht. Dat betekent dat de uitvalcijfers in de Vlaamse varkensindustrie oplopen tot honderdduizenden biggen en varkens per jaar.

Animal Rights filmde de beelden bij een varkensbedrijf in West-Vlaanderen, maar geeft de naam van het bedrijf of de gemeente niet. “We viseren geen afzonderlijk bedrijf. We willen enkel de problemen van de industrie in zijn geheel aankaarten”, benadrukt Van den Broeck.

bron: Belga