Aantal uitstrijkjes op vijf jaar gedaald met 50.000

Over de jaren heen is het aantal uitstrijkjes, die nodig zijn om baarmoederhalskanker bij vrouwen op te sporen, gestaag gedaald. In 2017 waren het er nog ongeveer 623.000, een terugval van om en bij de 50.000 tegenover 2013. Dat blijkt uit de nieuwste cijfers van het Riziv waarover het huisartsenblad Medi-Sfeer donderdag bericht. Sinds 1 juli 2009 werden uitstrijkjes nog één keer om de twee jaar terugbetaald. Enkele jaren later spraken ziekenfondsen en artsen af om de vergoeding voor de screening op baarmoederhalskanker verder terug te dringen naar één keer om de drie jaar. Die regeling ging in op 1 maart 2013.
Bedoeling was de screening efficiënter toe te passen. Wetenschappelijk is aangetoond dat één keer om de drie jaar een uitstrijkje laten nemen volstaat voor vrouwen, en dat van de leeftijd van 25 jaar tot de leeftijd van 65 jaar. Tegenover 2016 daalde het aantal uitstrijkjes met zo’n 7.000 of 1,1 procent.
Het aantal uitstrijkjes daalt over de jaren heen. Tegelijk verschuiven uitstrijkjes ook steeds meer van huisartsen naar gynaecologen. In 1995 namen huisartsen nog 18,5 procent van alle uitstrijkjes voor hun rekening. Vandaag is dat nog 8,3 procent.

bron: Belga