Sociale partners pakken oneigenlijk gebruik opeenvolgende dagcontracten aan

Sociale partners pakken oneigenlijk gebruik opeenvolgende dagcontracten aan

Er komt een uitbreiding van de informatieverplichting over het aantal dagcontracten in een onderneming en bedrijven zullen het gebruik van opeenvolgende dagcontracten ook cijfermatig moeten onderbouwen. Dat zijn de sociale partners in de Nationale Arbeidsraad (NAR) overeengekomen, zo meldt de NAR. De sociale partners legden vast dat de ondernemingsraad, of bij ontstentenis daarvan de vakbondsafvaardiging, elk semester geïnformeerd moet worden over het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid. De werkgever moet onder andere informatie vrijgeven over het aantal opeenvolgende dagcontracten in die periode en over het aantal uitzendkrachten dat met een opeenvolgend dagcontract werd tewerkgesteld. Hieraan wordt ook een jaarlijkse bespreking gekoppeld.

Daarnaast beperkt het akkoord het aantal dagcontracten dat gebruikt mag worden. Zo moet de nood aan flexibiliteit om dagcontracten te gebruiken statistisch onderbouwd worden, wat voorts aangevuld kan worden met elementen die aantonen dat de werkgever alternatieven heeft onderzocht. De sanctie voor werkgevers die zich hier niet aan houden blijft dezelfde, namelijk het betalen van twee weken loon aan de gedupeerde.



Ten slotte wordt in de cao een engagement opgenomen om het aantal opeenvolgende dagcontracten met 20 procent te verminderen over twee jaar, in de verhouding ten opzichte van het totale aantal uitzendarbeidscontracten.

Het akkoord kadert in een evaluatie van cao 108 over de tijdelijke arbeid en de uitzendarbeid van 16 juli 2013. Die cao regelt onder meer het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid. De nieuwe overeenkomst treedt in werking op 1 oktober 2018.

bron: Belga