Basisbereikbaarheid moet De Lijn klaarstomen voor liberalisering in 2020

Basisbereikbaarheid moet De Lijn klaarstomen voor liberalisering in 2020

De Vlaamse regering heeft het licht op groen gezet voor de invoering van basisbereikbaarheid. Het gaat om een grondige hertekening van het openbaarvervoerbeleid in Vlaanderen. De hervorming moet volgens Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) De Lijn voorbereiden op de liberalisering in 2020. Tegen dan moet De Lijn de test kunnen doorstaan met private vervoerbedrijven. Als dat lukt, blijft De Lijn de interne operator. De grote lijnen van het decreet basismobiliteit zijn al langer bekend. De tijd van de ‘basismobiliteit’, waarbij iedere Vlaming op enkele honderden meters van zijn deur een bus- of tramhalte had, is voorbij. In de plaats komt het concept basisbereikbaarheid. Van een “blinde aanbodpolitiek” naar een meer vraaggestuurd systeem met een bepalende rol voor de lokale besturen, is de filosofie van mobiliteitsminister Weyts.

Concreet wordt het aanbod van De Lijn opgedeeld in drie lagen. De eerste laag is het ‘kernnet’: de voorstedelijke en interstedelijke verbindingen, die de grootste attractiepolen met elkaar linken. De tweede laag bestaat uit het aanvullende net, dat aantakt op het kernnet en bijvoorbeeld verbindingen maakt met buitenwijken en kleinere kernen. De derde laag bestaat uit vervoer op maat, zeg maar de invulling van de ‘last mile’. Het gaat dan om lokale of private initiatieven die inspelen op een heel particuliere nood (zoals belbussen, de pendeldienst van een bedrijf of het busje van een rusthuis).



Verder wordt Vlaanderen opgedeeld in 15 vervoerregio’s. Bedoeling is dat de lokale besturen daar samen met onder meer De Lijn en de NMBS beslissen welk aanbod er nodig is per regio. De geplande vervoerregioraden zullen zelf de regie krijgen over het vervoer op maat. Wat het aanvullend net betreft, zullen zij het aanbod mee uittekenen en voor het kernnet zullen zij advies verlenen. Daar blijft De Lijn wel bewaken dat die verbindingen de grenzen van de vervoerregio’s overstijgen.

Volgens minister Weyts moet de hervorming De Lijn helpen voorbereiden op de geplande liberalisering in 2020. Bedoeling is dat De Lijn tegen dan in een benchmark de test doorstaat met private vervoerbedrijven. Als dat lukt, blijft De Lijn de interne operator. De christelijke vakbond ACV is alvast tevreden dat dat in het decreet verankerd wordt. “ACV is heel tevreden dat het intern operatorschap voor De Lijn minstens tot 2030 verzekerd is”, klinkt het. “Weliswaar moet De Lijn voldoen aan de verplichte benchmark. Het is de volgende regering die dat zal moeten bevestigen. ACV Openbare diensten is van oordeel dat hiermee de toekomst van De Lijn verzekerd is.”

bron: Belga