Iris trekt rond als huisoppas: “Thuis is geen plek, maar een gevoel”

Foto Nina Olivari

Een pot pindakaas, een flesje olijfolie en haar eigen kussen. Meer heeft Iris Schlagwein niet nodig om zich ergens thuis te voelen. Als huisoppas woont deze moderne nomade elke drie weken ergens anders. In ruil voor dat onderdak neemt ze de post, de planten en/of de poezen onder haar vleugels.

Voor het begin van Iris’ verhaal moeten we terug naar 2016. Op dat moment had ze alles waar de gemiddelde millennial van droomt. Een leuke vriend, een toffe job en een eigen huis. Tot er iets begon te knagen. «Ik denk dat mijn vriend en ik een jaar in ons eigen huis woonden, toen ik besefte dat ik altijd had geleefd zoals het hoorde, maar daarom niet zoals ik het wilde», steekt de Nederlandse huisoppas van wal.



Ze wist dat het anders kon én anders moest. Daarop besliste ze om uit de ratrace te stappen. «Mijn relatie liep op de klippen, het huis was ik kwijt. Om die shock te verwerken ben ik een tijdje bij mijn zwangere zus ingetrokken. Op zich ging dat prima, maar we voelden beiden aan dat het een tijdelijke oplossing was. Ik had weinig tijd om tot rust te komen en bovendien hervielen we al snel in het typische zustergekibbel. Met oog op de komst van de baby niet ideaal.»

Toeval bestaat niet

Foto Nina Olivari

«Via vrienden hoorde ik dat een koppel nog iemand zocht om tijdens hun vakantie op hun huis te passen. Dat klonk mij als muziek in de oren: zo kon ik tijdelijk tot rust komen en hoefden zij niet ongerust te zijn. Een win-winsituatie en het begin van mijn carrière als huisoppas», legt Iris uit.

Na een oproep op Facebook stroomden de oppasverzoeken haar mailbox binnen. Drie maanden later besefte Iris dat dit weleens haar nieuwe levensstijl zou kunnen worden. «Intussen had ik mijn eigen coachingprakijk uit de grond gestampt. Als zelfstandige ben ik niet gebonden aan een kantoor. Ideaal dus.»

Dertien huizen per jaar

Gemiddeld verblijft Iris zo’n drie tot vier weken in één huis. Per jaar heeft ze een dertiental plekken nodig om fulltime onderdak te hebben. «In het begin crashte ik tussendoor soms een paar dagen bij mijn zus, maar intussen heb ik genoeg bekendheid verworven en moet ik heel vaak mensen weigeren», klinkt het.

Omdat ze zo vaak verhuist, is Iris gedwongen om compact te leven. Zo trekt ze rond met één koffer, goed voor negen kilo bagage. Meer heeft Iris niet nodig om zich ergens thuis te kunnen voelen. «Ik ben van mening dat een ‘thuis’ niet per se een fysieke plek is, maar een gevoel. Een gevoel dat ik eigenlijk overal kan oproepen. Zolang er maar vers eten in de frigo zit.» (lacht)

Geen riant loon

Met huisoppassen verdient de jonge vrouw geen geld, al probeert ze wel altijd te zoeken naar een win-winsituatie. «Gewoonlijk is de deal dat ik voor de planten, de post en/of de poes zorg. Honden weiger ik, omdat dat een te grote tijdsinvestering is. Zo’n beest kan je onmogelijk een hele dag alleen laten. Dat zou me te veel inperken in mijn bewegingsvrijheid.»

Foto I. Schlagwein

Schijnzekerheid

En die bewegingsvrijheid is heilig. In de loop van haar leven moest ze een aantal klappen incasseren die haar hebben gemaakt tot wat ze nu is: een moderne nomade. «Veel mensen zijn ervan overtuigd dat ze een zeker en stabiel leven leiden omdat ze een huis bezitten, een relatie hebben of gezond zijn. Maar die zekerheid is een illusie. Je kan plots ziek worden, je partner kan verliefd worden op iemand anders en je baas kan je ontslaan.»

«Zelf heb ik mijn vader verloren op mijn 14de en kreeg ik een hernia op mijn 23ste. Terwijl ik dacht dat ik alles perfect voor elkaar had, stond mijn leven van het ene op het andere moment op zijn kop. Nu heb ik geleerd om die schijnzekerheid los te laten. Ik kijk niet verder dan een half jaar vooruit. Uiteraard maak ik wel plannen, maar als daar iets tussenkomt, kan ik dat ook heel gemakkelijk loslaten. Ik denk dat ik me daarom zo gemakkelijk overal thuis voel.»

Gebruikt condoom

Het huizenaanbod waar Iris tussen kan kiezen is heel divers. Dat varieert van tweekamerflats tot appartementen en vrijstaande huizen. Om praktische redenen opteert ze meestal voor een stekje in de stad, al vertrouwt ze voor het uitkiezen van haar tijdelijke onderdak vooral op haar intuïtie. «Vooraf ga ik altijd even op bezoek. Om te kijken of er een klik is met de eigenaars, maar ook met het huis. Ik moet me er op mijn gemak kunnen voelen.»

Als huissitter geeft de 31-jarige Iris haar tijdelijke verblijf na afloop een schoonmaakbeurt. Al komt ze daarbij soms voor verrassingen te staan. «Meestal laat ik de huizen achter in de staat waarin ik ze gekregen heb. Alleen het stofzuigen neem ik blijkbaar serieuzer dan de meeste mensen. Zo was ik een keer de slaapkamer van een koppel aan het schoonmaken, toen ik een gebruikt condoom onder het bed vond. Het condoom was al helemaal opgedroogd, dus het lag er duidelijk al een tijdje. Ik heb het dan maar weggegooid zonder er verder iets van te zeggen. Dat zou alleen maar gênant zijn voor beide partijen.»

Buitenlands avontuur

De huizen waar Iris op gaat passen liggen meestal in Nederland, maar af en toe vindt ze ook onderdak over de grens. «In september ga ik naar Italië, volgende zomer zit ik misschien in Curaçao. Op dit moment vind ik het prima om vooral in Nederland te blijven: dan ben ik dicht bij mijn familie en vrienden. Maar ik reis ontzettend graag en ik heb dankzij deze levensstijl ook veel vrijheid om erop uit te trekken. Dus niets zegt dat dat in de toekomst niet kan veranderen.»

Mare Hotterbeekx

Iris Schlagwein heeft haar eigen coachingpraktijk en bracht intussen ook een boek uit, ‘Thuis zonder huis’. Meer info via ruimjelevenop.nl.