Geen enkele oud-winnaar start in 70e editie van Critérium du Dauphiné

Geen enkele oud-winnaar start in 70e editie van Critérium du Dauphiné

Morgen gaat het Critérium du Dauphiné van start, traditioneel één van de belangrijkste voorbereidingskoersen op de Ronde van Frankrijk. Door de datumwijziging van de Tour verliest de Dauphiné echter aan belang. Zo staat geen enkele oud-winnaar aan het vertrek van de Franse rittenwedstrijd voor de WorldTour. De uittredende winnaar van de Dauphiné, de Deen Jakob Fuglsang, kiest voor de Ronde van Zwitserland. Die wedstrijd ligt traditioneel een week dichter bij de Tour-start, die nu een week naar achter (7 juli) is geschoven door de concurrentie met het WK voetbal. Alejandro Valverde, laureaat van de edities 2008 en 2009 van de Dauphiné, verkiest eveneens Zwitserland. Andrew Talansky (2014) en Bradley Wiggins (2011 en 2012) zijn intussen naar respectievelijk de triatlon en het roeien overgeschakeld, Janez Brajkovic (2010) is afgezakt naar een lager niveau.

Rest er nog Chris Froome, die de voorbije vijf jaar driemaal de eindzege pakte in de Dauphiné. Maar de Brit herstelt nog van de Giro en kiest voor een alternatieve voorbereiding op de Tour. Door de afwezigheid van alle oud-winnaars is het voor het klassement nu vooral uitkijken naar de Fransen Romain Bardet (Ag2r La Mondiale) en Julian Alaphilippe (Quick-Step Floors), de Italiaan Vincenzo Nibali (Bahrein-Merida), de Spanjaard Marc Soler (Movistar), de Pool Michal Kwiatkowski (Sky), maar ook onze landgenoten Dylan Teuns (BMC) en Tiesj Benoot (Lotto Soudal).



Sprinters met naam en faam zijn er amper, en dat is ook logisch: geen enkele van de acht ritten verzekert een massasprint. Na de proloog van morgen in Valence wachten twee geaccidenteerde etappes die de aanvallers kunnen bekoren. De ploegentijdrit van woensdag over 35 km zal het klassement waarschijnlijk doorheen gooien. Nadien wacht het zware tweede luik van de Dauphiné, bestaande uit vier bergetappes met aankomst boven. Op zondag 10 juni eindigt de Dauphiné op de flanken van de Mont-Blanc.

bron: Belga