Ook Nissan, Chrysler en Jaguar Land Rover vijzelden prijzen op

Ook Nissan

Naast Renault en PSA, de autogroep boven Peugeot/Citroën, hebben ook autobouwers buiten Frankrijk gebruik gemaakt van software die de prijzen van reserveonderdelen aanpaste naar de gevoelsmatige waarde ervan. Dat schrijft De Standaard deze avond. Gisteren raakte bekend dat de Franse autoconstructeurs Renault en PSA de prijzen van wisselstukken voor hun auto’s hebben opgevoerd nadat computersoftware genaamd Partneo er een analyse van had gemaakt. Door onder meer rekening te houden met gevoelsmatige aspecten van een reserveonderdeel, zoals de functie ervan, werd de prijs bepaald volgens de vraag hoeveel een klant ervoor zou willen betalen.

Maar de praktijk bleef niet beperkt tot de Franse bouwers. Ook de Japanse constructeur Nissan, het Britse Jaguar-Land Rover en het Amerikaanse Chrysler hebben Partneo toegepast. Dat blijkt uit nieuwe vertrouwelijke documenten die de Franse nieuwssite Mediapart in handen gekregen en gedeeld heeft met het netwerk European Investigative Collaborations (EIC), het persagentschap Reuters en De Standaard.



De link tussen Renault, dat al in 2008 aan de slag ging met Partneo, en het Japanse Nissan is volgens De Standaard snel gelegd. In 1999 richtten de twee een alliantie op. Ook Mitsubishi kwam daaronder. De alliantie levert al jaren strijd met de Volkswagen Groep, Toyota en GM om de titel van grootste autobouwer ter wereld.

In 2008 voerde Nissan het Partneo-systeem in voor de Europese markt. Het blijkt een groot succes: volgens De Standaard heeft Nissan Europa de prijzen van reserveonderdelen met gemiddeld 25 procent verhoogd. Dat betekent 56 miljoen euro per jaar aan extra inkomsten. Dat komt neer op een opgetelde winst van ruim een half miljard euro.

bron: Belga