Samuel Maoz: “Deze film is gebaseerd op het ergste uur uit mijn leven”

Foto RV

De Israëlische regisseur Samuel Maoz weet hoe het voelt om in de prijzen te vallen. In 2009 kreeg hij in Venetië de Gouden Leeuw voor zijn autobiografische geïnspireerde tankdrama ‘Lebanon’, een half jaar geleden was zijn opvolger ‘Foxtrot’ er goed voor de Grote Prijs van de Jury. Dat hoeft niet te verwonderen, want dit hartverscheurende drama grijpt de kijker opnieuw recht naar de keel. Ook opvallend: beide films zijn gebaseerd op Maoz’ eigen leven

Samuel Maoz: “Toen mijn dochter nog school liep, had ze de vervelende gewoonte om te laat op te staan, waardoor ze zich telkens geweldig moest haasten om niet te laat te komen. Ik had haar al een paar keer geld gegeven om een taxi te nemen maar op een dag had ik er genoeg van. De kosten begonnen op te lopen en het leek me ook gewoon een slechte opvoeding om haar te belonen voor haar luiheid. Dus zei ik haar dat ze maar de bus moest nemen, net zoals iedereen. Als ze te laat zou komen, dan was dat maar zo. Het werd een enorme ruzie, maar ik zei dat ze moest leren om op tijd op te staan. Een half uur nadat ze met slaande deur ons huis had verlaten, hoorde ik op de radio dat een terrorist zichzelf had opgeblazen en tientallen mensen gedood op Lijn 5, de bus die mijn dochter moest nemen om naar school te gaan. Ik probeerde haar meteen te bellen maar de gsm-operator lag plat door de vele oproepen. Een uur later stond mijn dochter plots weer thuis. Ze had de bus voor haar neus zien wegrijden en de chauffeur had geweigerd om voor haar te stoppen. Dat ene uur was het ergste van mijn leven, erger dan alles wat ik meegemaakt heb tijdens de oorlog in Libanon.”



Wat wou je precies vastleggen in ‘Foxtrot’? De ontreddering en hulpeloosheid die je toen voelde?

“Ik wou het vage concept bekijken dat we ‘het Lot’ noemen. Sommige dingen controleren we, andere niet, en er is een diepe kloof tussen de twee. Aan het eind van de film beklaagt Michael, de vader in het verhaal, dat hij niet met zijn zoon heeft gepraat toen hij hem de laatste keer zag en hem met de auto naar de bushalte bracht. Hij heeft de kans laten liggen om te genieten van hun samenzijn. De enige manier waarop je begrijpt hoe waardevol zulke momenten zijn, is nu eenmaal als je ze kwijt bent. De moeder zegt iets gelijkaardigs: als je een kind hebt, leef je niet voortdurend in extase. Maar als het kind er niet meer is, dringt alles door.”

Foto RV

 

 

 

 

 

 

 

 

‘Foxtrot’ is opgedeeld in drie hoofdstukken. Vanwaar die keuze?

“Om verschillende redenen. De belangrijkste is dat ik de kijker een emotionele reis wil geven. Eerst krijg je een hoofdstuk dat je door elkaar schudt, dan een hoofdstuk dat je fascineert en tot slot een hoofdstuk dat je ontroert. Zo’n emotioneel proces leek me heel elegant en compleet. Elk hoofdstuk weerspiegelt ook het personage dat centraal staat. Bij vader Michael is alles scherp, koud, precies en symmetrisch, met afstandelijke composities en lange shots. Het stuk met moeder Dafne voelt los, eenvoudig, zacht en warm aan. En daartussen heb je het gedeelte over zoon Yonatan, dat een paar centimeter boven de grond zweeft, de wereld van de dromerige artiest. Een derde reden is de klassieke Griekse structuur in drie bedrijven, waar de held zijn eigen straf creëert en geen flauw idee heeft van de noodlottige gevolgen die zijn acties met zich zullen meebrengen.”

Elk hoofdstuk bevat ook een cruciale menselijke blunder. Geloof je in karma?

“Het is geen kwestie van geloven of niet geloven. Na het voorval met mijn dochter vroeg ik me af wat ik eruit kon leren. En de conclusie was: niets. Ik had gedaan wat juist en logisch leek, en toch was de chaos losgebarsten. Welke les moet je daaruit trekken? Ik kan moeilijk beginnen geloven in astrologie of zo, dat de stand van de planeten mijn leven beïnvloedt.” (lacht) De film heeft het over verschillende thema’s. Het Lot is er een van. Een ander is de verhouding tussen twee generaties: de kinderen van de mensen die de Holocaust overleefd hebben en de generatie daarop. Elke generatie ervaart trauma’s tijdens hun legerdienst. Het is een eindeloze cyclus van trauma’s, die ons deels worden opgelegd en die we ook voor een deels zouden kunnen vermijden. Maar het ziet eruit als een eindeloze cirkel van fouten en mislukkingen en schuldgevoelens. Het is net zoals een zoon die geslagen wordt door zijn vader. We zijn er zeker van dat hij dat nooit zal doen met zijn eigen kinderen maar de kans is groot dat hij het toch zal doen.”

‘Foxtrot’ is pas je tweede langspeelfilm maar je hebt al een duidelijke stijl. Heb je die snel gevonden?

“Ik maak geen naturalistische cinema. Mijn films zijn meer een ervaring. Ze dringen binnen in de ziel van de personages. Beeld en geluid maken integraal deel uit van het verhaal. Eén brede blik op Michaels flat vertelt bijvoorbeeld al veel over wie hij is. De eerste zin die hij zegt, is met de rug naar de camera: ‘Ik wil nu alleen zijn.’ De manier waarop ik dat beeld breng, bespaart ons vele pagina’s dialoog en uitleg. Voor mij is de tekst de vijand. Ik probeer hem zoveel mogelijk uit te schakelen.”

Hoe komt het eigenlijk dat er acht jaar zit tussen ‘Lebanon’ en ‘Foxtrot’?

“Ik heb de wereld rondgereisd met ‘Lebanon’. Bovendien heeft het me drie jaar gekost om ‘Foxtrot’ te schrijven, te financieren en te draaien. En ik doe ook andere dingen. Ik maak schetsen, ik ben een boek aan het schrijven, ik heb een bescheiden radioprogramma laat op de avond waar ik mijn favoriete muziek speel, ik voed mijn kinderen op. Ik zit niet met mijn duimen te draaien.”

Foto RV

Ruben Nollet

RECENSIEOVERZICHT
Foxtrot