‘Carnivores’, een psychologische thriller van Jérémie en Yannick Renier

'Carnivores', een psychologische thriller van Jérémie en Yannick Renier
Foto / d. Montalembert

Iedereen kent de broers Coen, Taviani of Dardenne. En reken daar voortaan ook maar het Renier-duo bij. Het Franstalige publiek kent hen al langer van hun werk vóór de camera. Jérémie begon zijn carrière in een film van de Dardennes en Yannick pendelt tussen Belgische en Franse sets. Hun regiedebuut is een bijtende psychologische thriller over twee zussen, actrices en rivales.

Twee acterende broers die een film maken over twee acterende zussen. Toeval?

Jérémie: “Die vraag krijgen we vaak, en terecht. Het is duidelijk dat de film bij ons begint, onze bekendheid, het feit dat we allebei acteurs zijn… Maar daarachter schuilt een fictief verhaal.”

Yannick: “We zijn van onszelf vertrokken om naar iets universeler te gaan. Maar we vinden de vergelijking wel OK hoor, zolang mensen maar over de film praten.”

Vanwaar de zin om te beginnen regisseren?

Y: “Jérémie loopt al sinds hij kind was met een camera rond. Hij gebruikte zijn vrienden en mij als figuranten in zijn films over maffia en gangsters…”

J: “Ik ben beginnen meedoen aan castings op mijn 9de, omdat ik geïntrigeerd was door de wereld van de cinema. Ik herinner me nog dat ik tijdens de opnames van mijn eerste film, ‘La Promesse’ van de broers Dardenne, heel benieuwd was om te zien waar ze de camera’s opstelden. Ik beeldde me allerlei scènes in die niks met de film te maken hadden. “Ik zou de camera in de motor steken…” (lacht)

Y: “Op de set van ‘Nue-Propriété’ (film van Joachim Lafosse waarin Yannick en Jérémie twee broers spelen) zaten we vaak in de loge te discussiëren over het scenario. “Wat vind jij van die scène?” Het was de eerste keer dat we samenwerkten en we hebben toen ontdekt dat we ons erg op ons gemak voelden. We hebben een verschillende visie en energie, maar die vullen elkaar wel mooi aan. Het was dus niet meer dan logisch dat we samen een film zouden maken.”

Dat had een komedie of een auteursfilm kunnen zijn, maar jullie kozen voor een thriller…

Y: “De relatie tussen de twee zussen heeft een realistische basis, maar we wilden ‘erover’ gaan.”

J: “We wilden een fabel maken. Een film waarin we het verhaal een heel gewelddadig aspect konden geven. Daarom zit er weinig realistische sfeer in, zonder straatgeluiden enz. Er is iets dierlijks aan die twee alfavrouwtjes die elkaar proberen te verslinden. We wilden iets organisch.”

Y: “We wilden een film waarin de beelden, geluiden en muziek al je zintuigen prikkelen.”

Dat merk je inderdaad. Het personage van de regisseur-manipulator is trouwens heel realistisch.

J: “Ja, en er zijn er die nog veel perverser zijn dan hij! We hadden een personage nodig die de twee zussen tegen elkaar opzet. De ene is gefascineerd door hem, de andere walgt van hem. Hij is het vaderfiguur dat ze niet meer hebben…”

Acteren is je onderwerpen aan de visie van een regisseur. In welke mate is regisseren dan weer de controle overnemen?

Y: “Jérémie vertelde me een anekdote. Wanneer op de set van de Dardennes een scène de mist in gaat, wijzen ze met de vinger naar het decor of de regie. Nooit naar de acteurs. Bij hen is er geen sprake van onderwerping. Als opnames heel goed gaan, is het een samenwerking, geen dominante verhouding. Wij hebben het scenario geschreven, maar Leila en Zita hebben het zich helemaal eigen gemaakt. We hebben het verhaal samen opgebouwd.”

J: “Acteren is een vorm van prostitutie: je moet behagen, inspireren en beantwoorden aan de fantasieën van de regisseur… Regisseren is doordachter en cerebraler, terwijl ik het gevoel heb dat de acteur een lichaam is. In elk geval intuïtiever en spontaner.”

Daarom vraag ik vaak aan acteurs wat ze van het eindresultaat vinden…

J: “Ze zullen je nooit de waarheid zeggen (lacht). Om eerlijk te zijn, ben ik zelf vaak teleurgesteld over de films waarin ik meespeel. Niet over het resultaat, maar het is zoals een boek lezen: je verbeelding stemt nooit overeen met het resultaat…”

Denk je soms: “Ik dacht dat ik beter zou zijn…”?

J: “Tuurlijk.”

Y: “Het is grappig. Soms wil de acteur een scène overdoen en zegt hij achteraf: “Zie je wel!” Terwijl er wat mij betreft niets veranderd is (lacht). Het is me als acteur ook al overkomen. Wat je voelt en wat er door de lens te zien is, is niet altijd hetzelfde.”

Foto / R.V.

Elli Mastorou

RECENSIEOVERZICHT
Carnivores
DELEN