Robert Schwentke: "Ik hou veel van verhalen die tonen hoe iemand volwassen wordt"

‘Der Hauptmann’ van Robert Schwentke
Foto Alfama Films

Een indringend verhaal over een soldaat die tijdens de laatste dagen van WOII een uniform vindt en verleid wordt door de macht die het uitstraalt, ‘Der Hauptmann’ is niet meteen het soort film die je van Robert Schwentke verwacht. De Duitse regisseur heeft er immers al een fraaie Hollywoodcarrière opzitten, met onder meer de thriller ‘Flight Plan’, de actiekomedie ‘RED’, het romantische drama ‘The Time Traveller’s Wife’ en twee episodes uit de ‘Divergent’-franchise op zijn conto. Maar zelf maakt hij geen onderscheid.

Robert Schwentke: “Het zou fout zijn om te zeggen dat ik in Hollywood-films maak voor de poen en in Duitsland om verhalen te vertellen die me nauw aan het hart liggen. Voor mij zijn het allemaal persoonlijke films — met uitzondering van ‘RED’, wat een genre op zich is. ‘The Time Traveller’s Wife’ was bijvoorbeeld een rechtstreekse weerspiegeling van mijn eigen leven, want die film gaat over leven met een dodelijke ziekte en ik had toen zelf teelbalkanker. Over het algemeen vertel ik graag ‘coming of age’-verhalen, die beschrijven hoe een personage volwassen wordt.”

Eigenlijk is ‘Der Hauptmann’ ook een ‘coming of age’-verhaal, zij het op een heel perverse manier.



“Precies! Je kunt moeilijk zeggen dat Willi Herold, het hoofdpersonage, zich ontwikkelt tot het ideaalbeeld van een volwassene, maar volwassen worden hoeft niet per se gezonde of harmonieuze resultaten op te leveren.” (lacht)

Geniet je ervan om dat ideaalbeeld te doorprikken?

“Ik vind het in elk geval aangenaam om verwachtingen op hun kop te zetten. Ik vind moralisten per definitie verdacht. Veel van de dingen die we voor waar houden, zijn eigenlijk niet meer dan conventies, afspraken tussen mensen die gewoon verstard zijn. Dan vind ik het de moeite waard om die afspraken van nabij te onderzoeken en uit te maken of ze effectief steek houden.”

Nadat hij het uniform van een legerkapitein vindt en aantrekt, evolueert het hoofdpersonage uit ‘Der Hauptmann’ van een angstige soldaat naar een zelfverzekerde, maar moreel dubieuze man. Wordt hij zo door toedoen van dat uniform of had hij die donkere trekjes altijd al in zich?

“Dat is de hamvraag, en ik laat die met opzet onbeantwoord. Ik wil dat elke kijker dat voor zichzelf uitmaakt. Ik weet wel dat het fout is om ervan uit te gaan dat het een typisch Duitse reflex is om ons onderdanig op te stellen als we een uniform zien. Ik heb dat al vaak geobserveerd, ook in de Verenigde Staten. Als iemand een uniform draagt, krijgt hij meteen autoriteit. Maar het is wel zo dat we in Duitsland dat idee geperfectioneerd hebben. Het is een van de redenen waarom ik ‘Der Hauptmann’ wou maken. Ik was al een tijdje op zoek naar een verhaal over de dynamiek die het nationaalsocialisme überhaupt mogelijk gemaakt heeft. Hoe komt het dat zoveel gewone mensen meegestapt zijn in die haatretoriek en zonder omzien gruweldaden hebben verricht?”

Het is niet de eerste keer dat je in je films autoritaire figuren opvoert die niet noodzakelijk betrouwbaar zijn of het beste met je voorhebben. Ik denk aan ‘Flight Plan’ of ‘Divergent’.

“Autoriteit moet je altijd in vraag stellen. Dat is altijd mijn uitgangspunt geweest. Daarom zijn de meeste vaderfiguren in mijn films ook niet wie ze zeggen.”

Je komt uit een familie van academici. Werd jouw beslissing om regisseur te worden toegejuicht?

“Niet echt, nee. (lacht) Zolang het een hobby was, vonden mijn ouders het prima dat ik met film bezig was. Oorspronkelijk heb ik ook filosofie en literatuur gestudeerd, maar na twee jaar had ik er mijn buik van vol. Toen ik thuis vertelde dat ik naar de filmschool wou, kreeg ik te horen dat ik mijn plan maar moest trekken. Ze waren diep ongelukkig. Cinema stond in hun ogen nog een trapje lager dan circus. Dus heb ik zelf mijn studies bekostigd door scripts te schrijven voor Duitse tv-series zoals ‘Tatort’. Het gevolg was dat mijn naam soms op televisie verscheen, en daar was mijn vader dan weer trots op. Maar over het algemeen hadden mijn ouders geen flauw idee wat ik aan het doen was of waarom.”

Wat was de eerste langspeelfilm die je ooit gemaakt hebt?

“Als jong kind was ik gefascineerd door film als materie. Vraag me niet waarom. Ik had op zolder de oude Super 8-camera en -projector van mijn grootvader gevonden, en ik deed niets liever dan experimentele filmpjes maken. Ik nam stukken plastic, bewerkte die op alle mogelijke manieren en projecteerde ze op een muur. Ik nam ook deel aan experimentele filmfestivals. Sommige van die probeersels waren anderhalf uur lang. Ik was compleet geobsedeerd. Het interesseerde me niet om verhalen te vertellen, zolang er maar iets ongewoons te zien was op het scherm.”

Bleef het publiek anderhalf uur zitten?

“Nee, de meeste mensen gingen lopen.” (lacht)

Dan heb je toch tenminste op dat vlak vooruitgang geboekt.

“Ja, op een bepaald moment kwam ik tot de conclusie dat het misschien toch niet zo’n slecht idee zou zijn om er een verhaal in te stoppen.” (lacht luid)

Ruben Nollet

RECENSIEOVERZICHT
‘Der Hauptmann’