Regisseur Francis Lee mengt fictie met herinneringen in ‘God’s Own Country’

God's Own Country van Francis Lee
Foto Pyramide Distribution

Praat over wat je weet. Het motto wordt veel beginnende filmmakers ingeprent. De Britse cineast Francis Lee mag dan pas op zijn 49ste een eerste langspeelfilm afleveren, hij heeft zich die wijsheid duidelijk in de oren geknoopt. ‘God’s Own Country’, het ruige maar ook tedere liefdesverhaal tussen een Britse boerenzoon en een Roemeense werkkracht, speelt zich volledig af in de omgeving die Lee altijd heeft gekend: het landbouwersleven in de groene heuvels van het Noord-Engelse graafschap Yorkshire.

Francis Lee: “Net zoals Johnny, het hoofdpersonage in mijn film, ben ik opgegroeid op een boerderij in Yorkshire. Ook mijn vader kweekte schapen en ik heb als kind en tiener vaak meegeholpen. Op mijn twintigste ben ik naar Londen getrokken om acteur te worden, maar ik ben regelmatig teruggekeerd naar mijn thuisstreek. Ik ben altijd verliefd gebleven op dat glooiende landschap. Toen mijn liefde voor het acteren bekoelde en ik zin kreeg om mijn eigen film te maken, vroeg ik me af hoe mijn leven er had uitgezien als ik nooit uit Yorkshire was vertrokken. Wat als ik daar iemand had ontmoet met wie ik mijn leven wou delen? Zo is ‘God’s Own Country’ gegroeid.”

Waarom was het platteland van Yorkshire speciaal geschikt om het verhaal te vertellen van een jongeman die niet overweg kan met zijn gevoelens?



“Ik heb heel specifiek die boerderij gekozen omdat hij uitkijkt op het naburige stadje. Dat is tegelijk heel dichtbij en onnoemelijk ver. Je bent er snel, maar het is heel moeilijk om contact te hebben met de mensen daar. Op 40 minuten sta je in Bradford, een stad van 300.000 inwoners. Johnny zou dus zonder problemen in de auto kunnen springen, naar een pub rijden en daar iemand ontmoeten met wie het klikt. Maar dat is een brug te ver voor hem omdat hij emotioneel verkrampt is. Het enige wat hij kan doen, is gluren. Naar de stad, naar andere mensen.”

Johnny woont op de boerderij met zijn vader en zijn grootmoeder. Ik moet zeggen dat ik niet goed kon uitmaken of ik hun relatie bot of warm vond.

“Ik wou een familie tonen die diep vanbinnen erg aan elkaar gehecht is. Alleen weten ze niet hoe ze het moeten uitdrukken. Ze hebben niet de gewoonte of de tijd of de woordenschat om letterlijk te zeggen dat ze van elkaar houden of zelfs om elkaar een compliment te geven. Ik ken die manier van spreken, en ik kan je verzekeren dat Johnny, zijn vader en zijn grootmoeder wel degelijk met affectie tegen elkaar praten. Maar ik kan me ook inbeelden dat die familie voor veel mensen koud en harteloos moet klinken.”

Landelijke regio’s zoals in deze film worden traditioneel aartsconservatief genoemd. Wordt een andere geaardheid er gemakkelijk aanvaard?

“Ik zou Yorkshire nooit omschrijven als een conservatieve gemeenschap. Het is mijn ervaring dat seksualiteit er compleet irrelevant is. De mensen vinden het veel belangrijker wie je bent als persoon. In de familie uit de film is het bovendien veel belangrijker dat hij zijn werk doet. Het maakt de vader en de grootmoeder niets uit met wie Johnny in bed ligt, zolang hij maar zijn handen uit de mouwen steekt op de boerderij. Want daar hangt het voortbestaan van de boerderij van af.”

‘God’s Own Country’ is een mooi liefdesverhaal, maar ook een drukkende film. Heb je lang moeten zoeken naar de juiste stijl?

“Dat kwam heel spontaan omdat de stijl nauw verbonden is met het landschap. Een toerist die in Yorkshire komt, zal denken ‘Wow, wat een prachtige omgeving’. Maar als je daar opgroeit, hou je je hoofd naar beneden, krom je je schouders en steek je je handen in je zakken, en doe je verder met je werk. Voor mij is het een hard en meedogenloos landschap, en zo wou ik het ook laten zien. Daarnaast had ik een film voor ogen die de kijker helemaal onderdompelt in Johnny’s wereld. Daarom zit de camera ook zo dicht op de personages.”

Je hebt ‘God’s Own Country’ vertoond op allerlei festivals over de hele wereld. Hebben de reacties je verbaasd?

“Ja, in die zin dat ik tijdens het draaien nooit heb gedacht aan hoe het publiek zou reageren. Volgens mij is dat ook de enige gezonde manier om een film te maken. Los daarvan was het contact met het publiek altijd heel warm. De film maakt blijkbaar iets los, want het is al vaak gebeurd dat mensen spontaan op me afstapten en me vertelden over hun eigen verliefdheid. Het ging bovendien om mensen van alle geslachten, rassen en seksuele oriëntaties. ‘God’s Own Country’ overstijgt die grenzen blijkbaar, en dat is het grootste compliment dat ik me kan voorstellen. Mijn film spreekt iedereen aan.”

Ruben Nolle

RECENSIEOVERZICHT
‘God’s Own Country’