Zijn Europarlementsleden zomertijd zat?

Zijn Europarlementsleden zomertijd zat?

Eind maart schakelt heel Europa opnieuw over naar de zomertijd. Heeft dat eigenlijk zin? Een informele coalitie van een tachtigtal Europarlementsleden van diverse politieke pluimage heeft het gehad met die halfjaarlijkse wijziging van de klok en dwingt het voltallige halfrond om morgen in Straatsburg voor het eerst stelling in te nemen. De omschakeling van wintertijd naar zomertijd en vice versa wordt geregeld in een Europese richtlijn. Die zorgt ervoor dat alle lidstaten in het laatste weekeinde van maart de klok een uur vooruit zetten en het laatste weekend van oktober weer een uur terugdraaien. Het oorspronkelijke idee van de invoering van de zomertijd is energiebesparing, omdat de verlichting in de zomer een uur later aangestoken kan worden.

Volgens de coalitie, aangevoerd door de Tsjech Pavel Svoboda, is het argument van energiebesparingen achterhaald, en plaatst steeds meer wetenschappelijk onderzoek de halfjaarlijkse routine in een slecht daglicht. “De mens heeft een interne klok en het is schadelijk voor de gezondheid om die klok twee keer per jaar te verstoren”, meent de Finse Heidi Hautala.



Haar Nederlandse collega Annie Schreijer-Pierik opperde dat twintig procent van de Europeanen er last van kan hebben. “Ik spreek over moeders met kleine kinderen, ouderen die er heel veel moeite mee hebben, verpleegkundigen hebben ons geattendeerd”, getuigde de christendemocrate, die ook verwees naar Nederlandse cijfers die een stijging van het aantal verkeersdoden en hartaanvallen laten zien.

De coalitie, die zelf geen voorkeur voor winter- of zomertijd uitspreekt, heeft voor het eerst een stemming over de kwestie uitgelokt. Het eindresultaat is onvoorspelbaar, omdat de politieke fracties hun parlementsleden niet in het gelid proberen te dwingen. Sommige Belgische leden peilen alvast op sociale media naar de mening van de burger.

Wat er ook uit de bus mag komen, het is de Europese Commissie die uiteindelijk beslist of een voorstel tot wijziging van de richtlijn op tafel legt. Samen met een aantal collega’s vraagt Ivo Belet (CD&V) die Commissie in een alternatieve resolutie om eerst een diepgaande evaluatie te maken. Vorig najaar liet het dagelijks bestuur van de Europese Unie al verstaan dat ze de kwestie aan het onderzoeken is.

bron: Belga