Judo – GP Tunis – Roxane Taeymans na zilver: “Twee keer mentale grens verlegd”

Judo - GP Tunis - Roxane Taeymans na zilver: "Twee keer mentale grens verlegd"

Judoka Roxane Taeymans pakte zaterdag op de Grand Prix van Tunis een zilveren medaille in de categorie tot 70 kg. De 26-jarige Antwerpse was uiteraard blij met haar eerste medaille op Grand Prix-niveau. Maar het feit dat ze daarbij twee mentale grenzen overschreden had, stemde haar nog het meest tevreden. Tot zaterdag had Taeymans in drie confrontaties met Assmaa Niang nog nooit gewonnen van de ondertussen 35-jarige Marokkaanse. “Ik had het gevoel dat Niang voor mij een muur was waar ik nooit doorheen zou komen”, reageert Taeymans vanuit Tunis. “Dat ik haar vandaag kon opzadelen met drie strafpunten, was een eerste mentale opkikker. Vroeger was ik immers heel dikwijls diegene die op strafpunten verloor, maar vandaag was ik tactisch zo sterk dat Niang geen afdoend antwoord had. November van vorig jaar stond volledig in het teken van cardio- en krachttraining en dat wierp zijn vruchten af. Voor de eerste keer in mijn carrière had ik het gevoel dat ik op vlak van pure kracht sterker was dan de Marokkaanse.”
Taeymans leefde ook met de doemgedachte dat ze op een Grand Prix nooit hoger kon uitkomen dan een vijfde plaats. “Toen ik in de halve finales tegen de Oostenrijkse Michaela Polleres al vroeg met waza-ari op voorsprong kwam, begon ik echt te stressen omdat ik vreesde dat ik die voorsprong niet zou kunnen vasthouden. Het spookte door mijn hoofd dat ik opnieuw vijfde zou worden. Daardoor liep ik twee strafpunten op. Gelukkig kon mijn coach me op tijd tot rust brengen en heb ik de controle van de kamp terug in handen kunnen nemen. Dat was de tweede mentale grens die ik vandaag verlegd heb.”
In de finale won de Nederlandse Kim Polling heel gemakkelijk. “Dat is nu de volgende mentale grens die ik moet overschrijden”, beseft Taeymans. “Ik toon te veel respect voor dat soort wereldtoppers, waardoor ik te braaf kamp. De zilveren medaille van vandaag doet me inzien dat ik ook tegen hen niets te verliezen heb.”

bron: Belga