Brussels regisseursduo maakt ‘western op lsd’

Foto R.V.

De blauwe lucht van de Middellandse Zee, goudstaven die schitteren in de zon en overal geweerschoten. Hou je vast voor ‘Laissez Bronzer Les Cadavres’, een soort van western op lsd van Hélène Cattet en Bruno Forzani. Het is al de derde film van het Brusselse regisseursduo. Je kent hun vreemde, caleidoscopische universum misschien nog niet, maar ze zijn gereputeerd tot in Zuid-Korea.

Foto R.V.

Na ‘Amer’ en ‘L’Etrange couleur des larmes de ton corps’ is dit misschien wel jullie meest toegankelijke film?

Hélène Cattet: “Ja, zo lijkt het wel.” (lacht)

Bruno Forzani: “De verhaallijn is anders. In onze vorige films was die nogal warrig. Het verhaal is ook simpeler.”

H.C.: “Maar er zijn wel flashbacks en flashforwards. Soms zie je dezelfde scène terug door de ogen van een ander personage. En op het einde slaat de tijd op hol!”

Jullie hebben een heel opvallende stijl. Wat waren de uitdagingen voor deze adaptatie?

B.F.: “Het boek deed ons erg denken aan een spaghettiwestern. In tegenstelling tot Amerikaanse westerns, zijn de personages geen good of bad guys. Maar voor de actiescènes wilden we wel trouw blijven aan onze stijl en niet zomaar John Woo of Sergio Leone imiteren.”

H.C.: “Het was de eerste keer dat we actiescènes draaiden…”

B.F.: “Ja, dat was de grootste challenge.”

H.C.: “We wilden ook het zintuiglijke aspect uit onze andere films behouden. Het moest een echte belevenis zijn. We willen dat de kijker een andere wereld binnenstapt. Dat hij zijn ogen en oren de kost geeft en op reis gaat.”

B.F.: “Voor ons is de cinemazaal als een liveconcert.”

Foto R.V.

Hoe zijn jullie in de cinema verzeild geraakt?

H.C.: “Door het te doen. Toen ik ontdekte hoe een film gemaakt wordt, wist ik hoe ik mij wou uitdrukken. Ik wou experimenteren en mijn eigen woordenschat creëren.”

B.F.: “Ik was eerder een cinefiel. Film is de mogelijkheid om een onrealistische, dromerige fantasiewereld te bouwen. Dat vind ik leuk.”

H.C.: “We zijn samen kortfilms beginnen maken. Op een gegeven moment zijn we gewoon in het bad gesprongen, zonder geld. Bruno had een idee voor een verhaal, ik wou met iets experimenteren, dat hebben we gecombineerd en op een weekend was onze eerste kortfilm ingeblikt. Daarna hebben we er elk jaar een gemaakt.”

Welke films hebben een stempel op jullie gedrukt?

H.C.: “Er is een film die ons heeft samengebracht…”

B.F.: “‘Profondo rosso’ van Dario Argento.”

H.C.: “Oef, we denken aan dezelfde.” (lacht)

B.F.: “Ik hield van het genrefilmaspect…”

H.C.: “en van het experimenteren.”

Foto R.V.

Wat zijn de referenties voor jullie nieuwe film?

H.C.: “‘La Route de Salina’ van Georges Lautner, Ennio Morricone voor de muziek.”

B.F.: “‘Requiem for a Dream’ van Aronosfky voor het geluid en de montage, en ‘Bullet Ballet’, een Japanse film over wapens van Shinya Tsukamoto, die we binnenkort tonen in cinema Nova (de cinema geeft hen twee weken carte blanche voor de programmatie, naar aanleiding van de release van hun nieuwe film, red.). En natuurlijk de giallo…”

H.C.: “Op esthetisch vlak zijn we ook erg geïnspireerd door het nieuwe realisme: Jean Tinguely, Niki de Saint-Phalle… We hebben het verhaal ontwikkeld op basis van die kunststroming en we hebben van Luce, de kunstenares, het hoofdpersonage gemaakt. In tegenstelling tot het boek, zie je het hele verhaal door haar ogen.”

B.F.: “Het resultaat is een actiefilm die gedraaid is als een art performance.”

H.C.: “Zo krijgt de film meerdere laagjes. Je kan hem bekijken als een klassieke actiefilm, of op een andere manier.”

B.F.: “Het geeft de film een popkantje. Het is snoep voor de ogen.” (lacht)

Onconventionele cinema maken, geeft een zekere vrijheid. In welke mate moesten jullie wel rekening houden met rendabiliteit?

H.C.: “We moeten geen rekeningen maken, omdat onze films internationaal worden verkocht.”

B.F.: “Het is hallucinant. Als we bijvoorbeeld naar Japan, de VS of Zuid-Korea gaan, kennen de mensen onze films supergoed! Er zijn echt hardcorefans. We moeten handtekeningen zetten op lichamen, op messen… (lacht) De film is deze winter uitgekomen in Frankrijk en Zwitserland en is binnen enkele maanden in de States te zien. Omdat het genrecinema is, is het misschien wat makkelijker om voet aan de grond te krijgen in het buitenland. Ons werk heeft er meer succes dan in België. De rentabiliteitscriteria zijn dus niet dezelfde.”

H.C.: “Maar filmen in België, waar niet zo’n ‘afgelijnde’ industrie bestaat als in Frankrijk of de VS, geeft meer bewegingsvrijheid. Je kan veel verder gaan.”

Quentin Tarantino was fan van ‘Amer’, jullie eerste film.

H.C.: “Dat is toch een serieuze erkenning. Het betekende een ferme boost voor onze naam en onze film. En het heeft ons geholpen om de volgende te maken.”

Elli Mastorou

RECENSIEOVERZICHT
Laissez bronzer les cadavres