Stef Bos: "Deze plaat is het resultaat van een verspreking"

Meer zeggen met minder woorden. Het is een kunst die Stef Bos op zijn nieuwe plaat ‘Kern’ nog beter beheerst dan voorheen. Voeg daar subtiele muzikale verrijkingen aan toe en je hoort een songschrijver die zich avontuurlijk en gretig nestelt in een door het leven gerijpte creativiteit.

‘Kern’ is een krachtige titel die je werd aangereikt door je zoon, niet?

Stef Bos: “Dat klopt. ‘Kern’ werd geboren door een verspreking in een gesprek met mijn zoon. Ik vroeg hem voor de zoveelste keer wat hij later wilde worden. Je weet wel hoe dat gaat. Maar hij had geen zin om weer eens een open deur in te trappen. Hij vroeg me dan maar voor de grap wat ik wilde worden maar versprak zich. In plaats van te vragen wat ik wilde worden als ik groot zou zijn, vroeg hij: ‘Papa, wat wil jij later worden als je dood bent.’ In die zin werd voor mij ‘Kern’ geboren.”

“Dit is een nieuw begin”

En zo’n verspreking vindt een alerte muzikant natuurlijk interessanter dan de oorspronkelijke vraag.

“Ik besefte meteen dat er in die vergissing een enorme schoonheid verborgen lag. Hij reikte me echt een bijzonder geschenk aan dat ik met beide handen in ontvangst nam. Eens ik zeker was dat de titel ‘Kern’ zou zijn, lag de lat ook meteen veel hoger om dit album te maken. Ik besefte dat er bepaalde patronen moesten doorbroken worden. Ik speel al een hele tijd samen met deze band. Zet ons in een studio, geef ons enkele dagen en we hebben een plaat. Maar dat zou dan weer te makkelijk zijn.”

Waar lag de grootste uitdaging voor jou na al die jaren?

“In het zoeken naar een invalshoek die iets kan toevoegen aan mijn oeuvre als tekst- en als songschrijver. Ik besefte dat ik naar de kern op zoek moest gaan van een paar universele thema’s. Een kern gekruid door mijn eigen levenservaring. Je beseft dat je nooit alle antwoorden zal vinden, maar het helpt om al bepaalde delen van die grote levenspuzzel te kaderen binnen een groter geheel. Ik denk bijvoorbeeld aan het begin en het einde van het leven in ‘Tussen water en vuur’ of ‘Valkuil’. De schoonheid van het ouder worden – (lachend) iets waar ik langzaam maar zeker een ervaringsdeskundige in word – bezing ik in ‘Achter in de rij’. ‘Het roer moet om’ gaat over de woelige tijden waarin we leven terwijl ik in ‘Welkom’ toch het nieuwe leven verwelkom. Je moet optimistisch blijven om die cynische sluipmoordenaar te snel af te zijn. En natuurlijk ook een song over vriendschap zoals in ‘Bakzeil’. De waarde van familie en vrienden leer je ook meer en meer te waarderen met het verstrijken van de jaren.”

Tijdens de eerste try-outs in Zuid-Afrika stelde je vast dat de teksten zich als het ware bijna vanzelf zongen. Zorgde dat niet voor een licht euforisch gevoel?

“Dat was echt een wonderlijke vaststelling. Zuid-Afrikanen hebben trouwens een fantastisch woord voor een try-out. Ze noemen het een ‘oefenlopie’. Heerlijk, niet? Maar dat klopt. Ik herkende me volledig in wat in zong. Wat ik jaren aan gedachten had gespaard, kwam er plots zo natuurlijk uit. De blik wordt met de jaren helderder. Je bent in staat om sneller tot de kern van bepaalde zaken door te dringen. Hierdoor valt er heel wat ballast overboord en leer je daar als tekstschrijver beter mee werken. Vergezochte metaforen leiden de aandacht van de luisteraar vaak af. Ik word gewoon duidelijker op elke nieuwe plaat, maar blijf wel op zoek naar een poëtische ondertoon. Zo blijft het ook voor de luisteraar interessant om me te blijven volgen.”

Hoe heb je het muzikaal interessant genoeg gemaakt voor jezelf en de band?

“Door samen te werken met een fris paar oren. Zo heb ik de eindmix van ‘Kern’ laten doen door Skiggy Rapz. Ik had al met hem gewerkt via rapper Diggy Dex, een zeer grote meevaller. En wat hij bijvoorbeeld heeft gedaan met de klankwereld van Eefje de Visser gaf me alleen maar meer vertrouwen in hem. Het zijn vaak kleine details, maar uiteindelijk is het toch een wereld van verschil. Een tweede belangrijke stap was het zoeken naar een nieuwe vorm om die songs live te brengen. Ik besefte dat ik minder een voorstelling wilde brengen en meer een concert. Na al die jaren is een meer losse vorm van concerteren best een prima optie om alles boeiend te houden. Vandaar dat we de plaat ook voorstellen in een heuse muziektempel met een bijzonder verleden. De Ancienne Belgique dus en ik kijk daar echt naar uit. Het is mooi om vast te stellen hoe je nummers een vrijer leven krijgen. Daardoor kan je ze ook elke avond anders spelen en blijven ze fris klinken.”

De liefde blijft in al haar facetten een belangrijke rol spelen op ‘Kern’. Hoe breng je dat beeld van de liefde naar de livevoorstelling?

“Door twee songs centraal te plaatsen: ‘Tussen water en vuur’ en ‘Valkuil’. Die twee songs belichamen het begin en het einde van een liefdesrelatie. Liefde is een huis, weet je. Je leert elkaar kennen en alle deuren staan open. Alle kamers hebben voldoende ruimte en je loopt er zonder zorgen binnen en buiten. En dan gebeurt er iets waardoor er een aantal deuren plots dichtgaat. En dan moet je waakzaam zijn. Voor je het weet, zijn alle deuren dicht en eindig je allebei ergens in een hoek van de kelder. En dat heb je met jezelf ook. Je moet in je leven een aantal zaken in vraag durven stellen. Maar ik heb dat ook naar de band doorgetrokken. Ook muzikaal gingen we op zoek naar de kern.”

Besefte je niet meteen dat zoiets eigenlijk onmogelijk is?

“Absoluut want het meest wezenlijke kan je toch niet vatten. Het blijft dus een verdienstelijke poging, maar daar kan ik best mee leven. Op die manier is ‘Kern’ een sleutelplaat in mijn carrière geworden. Ze heeft veel in gang gezet waardoor ik al songs heb liggen voor twee andere projecten. Het voelt aan als een nieuw begin. De volgende zeven jaar liggen al min of meer vast en dat geeft wel een veilig gevoel.”

Zie je ‘Kern’ als een deel van een veel groter geheel?

“Ik geloof dat je je hele leven lang eigenlijk maar één lied schrijft. ‘Kern’ is geen refrein in dat grote lied, eerder een couplet. Alles heeft in zo’n structuur een functie en dat is ook een zalig gevoel. Ik speel deze songs nu ook alleen achter de piano en dan voel je de essentie van zo’n nummer zeer puur aan. Van bepaalde songs hadden we wel meer dan tien versies. Er waren er zelfs die richting trance gingen. En misschien waren die versies wel beter dan wat er op de plaat is terechtgekomen. De hamvraag was steeds ‘Wat is de kern van het lied?’ En die kern bepaalde de versie die we uiteindelijk gehouden hebben. Tom Waits, Fellini-achtige arrangementen, Nino Rota… qua muziek zijn we daar allemaal in de buurt geweest. Om dat roer om te gooien, drijf je soms zeer ver af om dan later een versie op te nemen die gebaseerd is op een nachtelijke demo in Kaapstad met enkel stem en gitaar. Op die manier is het een zeer reguliere plaat geworden die mooi weergeeft waar ik nu als artiest en mens voor sta.”

Dirk Fryns

Stef Bos speelt op 19/01 in de AB te Brussel.