N-VA wil met gezinshuizen jongste kinderen uit voorzieningen houden

Kinderen jonger dan zes jaar horen eigenlijk niet thuis in een voorziening. Toch hebben vorig jaar zo’n negenhonderd kinderen jonger dan zes een tijd in zo’n voorziening doorgebracht. Om dat te vermijden, stelt N-VA de invoering van gezinshuizen voor, een soort formule tussen de bestaande pleegzorg en de residentiële jeugdhulpverlening. Als kinderen jonger dan zes jaar uit huis worden geplaatst, moet pleegzorg in principe de eerste optie zijn. Maar in de praktijk loopt het al eens anders. Vorig jaar hebben de voorzieningen van de integrale jeugdhulp zo’n 900 kinderen opgevangen. Vaak gaat het om kinderen die wachten op een plek in een pleeggezin.
En hoewel ze in voorzieningen wel professioneel opgevangen en begeleid worden, horen kinderen jonger dan zes jaar gewoon niet thuis in een voorziening, meent N-VA-parlementslid Lorin Parys. “Die kinderen hebben vooral nood aan een duidelijke en warme gezinssituatie, aan vertrouwde personen aan wie ze zich kunnen hechten”, aldus Parys.
Om te vermijden dat kinderen jonger dan zes jaar in de toekomst toch nog in voorzieningen belanden, stelt N-VA een nieuwe vorm van jeugdhulpverlening voor: het gezinshuis. De partij is daarvoor de mosterd gaan halen in het buitenland, met name in Nederland. Daar worden vandaag zo’n 2.600 jongeren opgevangen in gezinshuizen.
Gezinshuizen zijn een professionele vorm van pleegzorg. In een gezinshuis wordt het kind opgevangen in een gewoon huis en in een beperkte gezinssetting. De gezinshuisouder heeft een opleiding genoten in het begeleiden van kinderen. Hij/zij krijgt ook een loon als bediende of werkt op zelfstandige basis verbonden aan een jeugdhulpvoorziening. Dat is een wezenlijk verschil met pleegouders die in Vlaanderen vandaag enkel een beperkte dagvergoeding krijgen.
In het brede jeugdhulplandschap krijgen de gezinshuizen daarmee een plek ergens tussen de bestaande pleegzorg en de residentiële jeugdhulp.
Het N-VA-voorstel, dat in een conceptnota is gegoten, gaat uit van vier kinderen per gezinshuis. De kostprijs daarvoor raamt N-VA op 145.000 euro per jaar. Dat zou 55.000 euro goedkoper zijn dan de jaarlijkse kosten voor de opvang van vier kinderen in een voorziening. “Maar dit is geen besparingsvoorstel”, zegt Parys. “Bedoeling zou zijn om het resterende budget opnieuw in de jeugdhulp te investeren, bijvoorbeeld in de pedagogische ondersteuning vanuit de jeugdhulpvoorziening.”

bron: Belga