Roekeloosheid of verlangen naar avontuur?

Foto's: Videografreaks

Veel mensen dromen ervan om hun boeltje te pakken en op wereldreis te vertrekken. Wij, Camila en Seba, trokken onze stoute schoenen aan en nemen je graag mee. Onze avonturen kan je wekelijks volgen in Metro.

“God, dat kan toch niet! Hij had geen andere passagiers bij”, zeggen we tegen elkaar, nadat de zoveelste lege auto onze bevroren duim heeft genegeerd. Op deze Argentijnse woestijnweg passeert slechts om het kwartier een auto. We zijn op de terugweg naar Bolivië, maar konden niet aan de verleiding weerstaan om een omweg te maken via het Noorden van Chili. De Chileense woestijn Atacama, met zijn vulkanen, geisers en maanlandschappen, was onweerstaanbaar.



Eerst moeten we toch een paar honderd kilometer liften door een woestijn in de Argentijnse provincie Jujuy. Men heeft ons afgeraden om langs daar naar Chili te liften. “Geen verkeer”, “koude temperaturen” en “veel kans om dagenlang aan de grens vast te zitten door de sneeuwval”, klonk het. Of het nu roekeloos of halsstarrig dan wel moedig is: we moesten en zouden Chili bereiken met behulp van onze duimen en via deze spectaculaire weg.

Als je lift, moet je openstaan voor het onverwachte. Je moet ermee kunnen leven dat je gedurende vele uren door niemand wordt meegenomen, maar je mag nooit het geloof verliezen in de gouden regel: ‘Je geraakt uiteindelijk altijd weg’.

Soms moet je wel overnachten in een tent langs de weg, bij temperaturen onder het vriespunt, zonder douches en met enkel bescheiden maaltijden. Waarom doen we onszelf zoiets aan, terwijl we ook gewoon de bus zouden kunnen nemen? Het is heel eenvoudig: tijdens het liften beleven we altijd de meest memorabele avonturen.

Lift eens met ons mee!

Stel je even voor dat je in het midden van deze Argentijnse woestijn staat. Ondanks een ijskoude wind geniet je volop van een prachtig landschap om je heen. Zand, stenen, cactussen, kleine struiken en een slangachtige weg die verdwijnt in bruin-paarse bergen vormen het decor. Een woestijnvos kijkt je indringend aan vanaf de overkant van de weg. Hoogstwaarschijnlijk is het zelfs de eerste keer dat hij mensen ziet. In het begin sta je op auto’s te wachten met je rugzak aan. Maar die komen niet. Je legt dus je rugzak in het zand, gaat erop zitten en neemt een duik in de verhalen van Borges. Na een kwartier komt er een truck. Hij stopt niet. Geen probleem, terug naar het boek. De volgende auto’s hebben te veel passagiers, maar er zullen er nog volgen. Je leest dus verder en blijft genieten van het uitzicht op die ongerepte natuur.

Ondertussen laat de natuur zich van een minder vriendelijke kant kennen. De zon nadert de horizon en de koude wind wordt ondraaglijk. Nu is het echt tijd om een lift te regelen. Er passeren nog een paar auto’s en vrachtwagens. Je zwaait naar hen op een expressieve, zelfs hopeloze manier. Niemand wil je meenemen, zelfs niet de eenzame chauffeurs. Door de koude temperatuur en het gebrek aan empathie bij de automobilisten, verlies je je geduld. Een paar keer stevig vloeken helpt om je frustratie te uiten. Misschien had je toch beter de bus genomen?


“Amai, wat zitten we hier goed”

Nu is het tijd om de tent op te slaan. De muren van een aftands gebouw zullen je de koude wind helpen doorstaan. Daarnaast vind je oude planken. Die gebruik je om een kampvuur te maken bij zonsondergang. Op het menu voor vanavond: een blikje perziken, geroosterd brood met smeerkaas, dulce de leche en een zakje pistachenootjes. Om te drinken wordt thee van cocabladeren geserveerd. Je slokt die campinglekkernijen met veel smaak op, richt je ogen naar het vuur, kijkt dan naar de maan die de woestijn volledig verlicht en denkt: «Amai, wat zitten we hier toch goed!»

’s ochtends verwijder je een laagje ijs van je tent en vouw je die op voordat je opnieuw met een uitgestoken duim langs de weg gaat staan. Je weet dat je geluk zal keren. Een uur later zit je in Leonels vrachtwagen. Het is warm in de cabine, de radio speelt latinoklassiekers. De Chileen deelt een warme maaltijd met je. Hij wil niet geloven dat je ’s winters in de woestijn hebt gekampeerd. Je vertelt hem dat het niet zo erg was en dat je een prachtig moment met de natuur hebt doorgebracht. Leonel bevraagt je over België, laat je foto’s van zijn familie zien en geeft je aanbevelingen voor de aankoop van Chileense wijn. Langs met sneeuw bedekte bergen voert hij je helemaal naar de Atacama. Nogmaals besef je dat de gouden regel klopt: je geraakt altijd weg!


In samenwerking met Joker