Weglopers zijn steeds vaker meisjes

Weglopers zijn steeds vaker meisjes

Weglopende kinderen zijn steeds vaker meisjes. Dat blijkt uit een studie van Child Focus en de universiteit van Luik, die vandaag in aanwezigheid van koningin Mathilde is voorgesteld op een studiedag in Brussel. In 2013 en 2014 waren maar liefst 67 procent van de weglopende kinderen meisjes, tien jaar eerder was de verhouding tussen jongens en meisjes nog gelijk. In het kader van de studiedag rond weglopende kinderen deed Child Focus een update van de studie die ze in 2004 al eens deed. De organisatie onderzocht daarvoor de iets meer dan 1.600 wegloopdossiers die ze tussen 2013 en 2014 verwerkte.

Opvallend daarin is vooral het stijgende aandeel meisjes. Een echte verklaring voor die oververtegenwoordiging heeft Child Focus niet, maar het zou volgens de organisatie wel kunnen dat overheden en ouders meisjes als kwetsbaarder zien dan jongens, waardoor het sneller gemeld wordt als zij verdwijnen.



Ook het aantal weglopers dat uit een instelling voor jongeren komt, is gestegen. In 2004 was dat 1 op de 4, intussen is dat opgelopen tot een derde van de weglopers. Volgens Child Focus zijn geplaatste kinderen sowieso oververtegenwoordigd, omdat de instellingen waar ze verblijven verplicht zijn om de verdwijning van één van hun bewoners zo snel mogelijk te melden.

Verder blijkt dat de meeste weglopers (60 procent) tussen 14 en 16 jaar oud zijn. Toch lopen ook erg jonge kinderen weg: 7 procent van de weglopers bevindt zich in de leeftijdscategorie tussen 10 en 12, 1 procent van de betrokken kinderen was tussen 6 en 9 jaar.

De meeste weglopers blijven niet erg lang weg. Voor 75 procent van de kinderen gaat het om minder dan een week, bij 38 procent zelfs maar om 1 à 2 dagen. Toch blijft 8 procent van de kinderen langer dan één maand weg.

Volgens Heidi De Pauw, algemeen directeur van Child Focus, is er “duidelijk nood aan meer kennis over het profiel van jonge weglopers”, om zo tot een “multidisciplinaire totaalbenadering voor de preventie en bestrijding van het fenomeen” te komen. De organisatie benadrukt dat het belangrijk is om jongeren na een wegloopperiode verder te begeleiden, ook na hereniging met het gezin.

bron: Belga