Eerste ‘noodplannen Terrorisme’ operationeel

Eerste 'noodplannen Terrorisme' operationeel

Op 22 maart 2016 bestonden ze nog niet, maar intussen is voor elke provincie een eigen ‘noodplan Terrorisme’ op komst. Dat voor Vlaams-Brabant – met onder meer Brussels Airport op zijn grondgebied – is vandaag in het Staatsblad verschenen. Te hulp schieten na een aanslag is niet zonder gevaar. Liggen er nog bommen? Lopen er nog terroristen rond? Of volgen er elders in de provincie of het land nog aanslagen, zoals het geval was op 22 maart?
In de onderzoekscommissie naar de aanslagen fronsten heel wat leden de wenkbrauwen toen werd uitgelegd dat er geen afzonderlijke BNIP’s (bijzondere nood- en interventieplannen) bestonden rond terrorisme. Jihadistische terreur was nochtans al even geen nieuwigheid meer.

Al bleken er ook argumenten contra. Terrorisme komt in vele vormen en gedaanten, zo bleek de voorbije jaren ook. Denk aan bomaanslagen, raids met kalasjnikovs, aanvallen met messen of simpelweg op een mensenmassa inrijden met een vrachtwagen. Niemand kan vijftien plannen in de vingers hebben, dus een veelheid aan als te specifieke BNIP’s is net zo goed contraproductief.
Zowat een jaar geleden verplichtte bevoegd minister Jan Jambon de provinciegouverneurs toch specifieke noodplannen voor terreur uit te schrijven. In geval van een aanslag zullen die bovenop de gewone BNIP’s worden uitgerold en waar nodig voorrang krijgen, verduidelijkt Vlaams-Brabants gouverneur Lode De Witte.



‘Think terrorist’, dat is zowat de rode draad. Centrale vraag is: stopt het hier? Anders dan een brand of een ongeval bestaat bij terreur het reële gevaar op nog meer incidenten. Dat is belangrijk bij het uitsturen van ambulances en politie, voor het oproepen van extra steun uit andere zones, maar bijvoorbeeld ook wanneer het gaat om toegang tot de plek van de ramp. Doet bijvoorbeeld niemand zich voor als hulpverlener om een tweede keer te kunnen toeslaan?

Ook de coördinatie zit anders bij terrorisme. Wordt het provinciale rampenplan afgekondigd, dan heeft normaal de gouverneur de leiding. Gaat het om terreur, dan zijn dat het Crisiscentrum en de federale procureur.
Elke provincie is anders, dus geen twee noodplannen zijn dezelfde. Toch is over de nieuwe noodplannen ook onder de provincies heel wat overlegd. Bedoeling zou zijn om dit jaar nog in verschillende provincies oefeningen te houden.

bron: Belga