Minister Peeters ziet “werkbaar werk” goede start nemen

Minister Peeters ziet "werkbaar werk" goede start nemen

Sinds begin maart hebben veertien paritaire comités en subcomités akkoorden afgesloten die gebruik maken van de wet op werkbaar en wendbaar werk. Dat meldt een tevreden minister van Werk Kris Peeters (CD&V). “Het bewijst dat de sociale partners potentieel zien in de mogelijkheden die de wet hen biedt”. Definitieve conclusies wil Peeters echter nog niet trekken. Er zijn in totaal immers 150 paritaire (sub)comités en veel akkoorden worden de komende maanden onderhandeld. De bewuste wet trad op 5 maart in werking. De wettekst heeft tot doel de werkgever meer flexibiliteit te bieden en tegelijk werknemers meer grip te geven op de balans tussen werk en privé.
Hij voorziet onder meer in de annualisering van de arbeidsduur, maar ook de mogelijkheid om verlofdagen te schenken aan collega’s met een ziek kind die hun verlof hebben uitgeput. De wet creëert ook een wettelijk kader voor occasioneel telewerk bij onverwachte gebeurtenissen en biedt kleine bedrijven de mogelijkheid om samen een werknemer aan te werven. En deeltijdse arbeid wordt vereenvoudigd en de maximumtermijnen voor palliatief verlof en tijdskrediet met zorgmotief worden verlengd.
Volgens minister Peeters gaan de vakbonden en werkgevers duidelijk aan de slag met de wet. “Er worden concrete engagementen genomen in de akkoorden van de paritaire comités. Dit is een goede start”. Zo is sprake van twaalf paritaire comités en twee subcomités die (ontwerp)akkoorden sloten die gebruik maken van mogelijkheden in de wet. Het gaat onder meer om de textielsector, de voedingsnijverheid, de metaalbouw, papierverwerking en de sector van het technisch onderhoud in de luchtvaart.
Tien paritaire comités en twee subcomités maakten afspraken over opleidingen. Negen akkoorden bevatten ook nog andere elementen uit de wet. Het gaat over algemene bepalingen met betrekking tot werkbaar werk, loopbaansparen, het plus minus conto, werknemersgroeperingen en schommelingen van het werkvolume.

bron: Belga