Vrouwen in technische richtingen

Foto: Pexels

Tot voor kort was een vrouw in de technische sector ongeveer even zeldzaam als de witte neushoorns in de Belgische bossen. Gelukkig zijn de tijden veranderd en durven steeds meer vrouwelijke studenten te kiezen voor een toekomst in de wetenschap, techniek of wiskunde.

Die toekomst begint al op de schoolbanken van het middelbaar onderwijs. Uit recente cijfers blijkt dat het aantal vrouwen in een wetenschappelijke studierichting in de lift zit. In het schooljaar 2015-2016 bestonden de zogenaamde STEM-richtingen voor 30,1% uit vrouwen. Dat is 3% meer dan in het schooljaar 2010-2011. Tegen 2020 zouden er dat 33,3% moeten zijn. Die cijfers hebben wel betrekking op het ASO, in de TSO- en BSO-richtingen is de stijging minder duidelijk. De afkorting stem staat daarbij voor alle studierichtingen die vallen onder science, technology, engineering en mathematics.

Vroeger maar niet beter



Ook Carmen Moerman, zelf industrieel ingenieur, merkt dat steeds meer vrouwen stapsgewijs de chemische sector ontdekken. “Zelf heb ik in het middelbaar onderwijs wetenschappen-wiskunde gestudeerd”, getuigt ze. “Mijn eigen klas was destijds echt enorm cliché: de overgrote meerderheid was mannelijk. Veel van die jongens waren geïnteresseerd om bouwkunde of industrieel ingenieur te gaan studeren. Voor de vrouwen was die keuze minder evident.”

Moerman spreekt dan over een vijftal jaar geleden, toen het totale aantal vrouwen in de STEM-richtingen op de universiteit nog zweefde rond de 10%. Gelukkig is dat de dag van vandaag niet langer het geval. “Ik merk wel dat dat aan het veranderen is”, getuigt ze. “Mijn zus is bijvoorbeeld drie jaar jonger. Zij studeert eveneens Industrieel Ingenieur, maar in haar klas zitten al veel meer vrouwen.”

It’s no longer a man’s world

Uiteindelijk opteerde Moerman met haar afstudeerrichting chemie voor een carrière in de chemische sector, al bekleedt ze nu een managementpositie. “Ik heb lang getwijfeld over mijn afstudeerrichting. Het eerste anderhalf jaar is voor iedereen hetzelfde. Daarna kies je een specifiek profiel. Het ging voor mij tussen bouwkunde en chemie. Het is uiteindelijk chemie geworden omdat ik bang was dat ik met de optie bouwkunde in echte mannenwereld terecht zou komen”, legt ze uit.

Die angst is niet ongegrond. Wie zo’n vijftal jaar geleden om zich heen keek in de aula of op een bouwwerf, moest behoorlijk lang zoeken naar de eerste vrouw. “Tijdens mijn studententijd had ik vaak het gevoel dat ik als vrouw behoorlijk uniek was. Zeker omdat ik niet bepaald beantwoord aan het stereotiepe beeld van een ingenieur. Ik ben geïnteresseerd in chemie, maar daarnaast heb ik vooral veel ‘vrouwelijke’ interesses. De zoektocht naar een zielsverwant was dus niet zo evident.” (lacht)

Toch heeft ze geen spijt van haar keuze. “In onze sector is het niet lang zoeken naar een job. Zeker als vrouw heb je een streepje voor omdat je zo uniek bent”, klinkt het. En wat dan met de oververtegenwoordiging van mannen op de werkvloer zelf? “Als vrouw kan ik perfect mijn mannetje staan. En bovendien werken er ook gewoon wel genoeg vrouwen in dit bedrijf zodat ik me geen buitenbeentje hoef te voelen.”