West-Vlaamse zwembaden scoren ondermaats op vlak van toeganklijkheid

West-Vlaamse zwembaden scoren ondermaats op vlak van toeganklijkheid

Slechts zeven van de 29 gescreende zwembaden in West-Vlaanderen kregen een positief rapport op vlak van toegankelijkheid. Dat blijk uit de resultaten van het toegankelijkheidsonderzoek dat de provincie tussen 2014 en 2017 liet uitvoeren door het expertisecentrum Inter. De cijfers zijn vandaag voorgesteld in Ieper. Het expertisecentrum hanteerde de methodiek en richtlijnen van de databank Toegankelijk Vlaanderen. Zo worden de zwembaden onder meer onderzocht op parkeergelegenheid, toegangspaden, cafetaria, inkom, aangepast toilet en kleedruimtes. Amper zeven zwembaden konden een goed rapport voorleggen, ook al vertoonden ook de beste zwembaden vaak nog tekortkomingen.

Vooral de nieuwste gebouwen, zoals S&R Olympiabad in Brugge, scoren beter, zowel op structureel vlak als in de nodige voorzieningen. Het toegankelijkheidsaspect is dan ook sinds 2010 een vereiste bij de bouwaanvraag. Ook zwembaden die recentelijk grote renovaties lieten uitvoeren, deden de nodige structurele aanpassingen om de toegankelijkheid te verbeteren.



In de categorie “inkom en andere functies” bleek dat slechts vier zwembaden zelfstandig toegankelijk zijn. De tafels in de cafetaria zijn bijvoorbeeld vaak te laag om een rolstoel onder te schuiven. Ook aangepaste kleedcabines of douches zijn amper beschikbaar. Ook niveauverschillen vormen vaak letterlijk en figuurlijk een grote drempel. Het grootste probleem is de overgang tussen de droge en de natte zone. De rolstoelgebruiker moet meestal een omweg nemen en moet rekenen op hulp van het personeel.

Er wordt nu aan de slag gegaan met de resultaten van het onderzoek. Per zwembad werd een actieplan opgemaakt om de toegankelijkheid te verbeteren: van kleine wijzigingen in functie van afwerking of inrichting tot aanpassingen van structurele aard waarvoor grotere werken of verbouwingen nodig zijn.

bron: Belga