Rekenhof fileert actieplan van de regering tegen sociale fraude en sociale dumping

Rekenhof fileert actieplan van de regering tegen sociale fraude en sociale dumping

Het Rekenhof toont zich bijzonder kritisch voor het actieplan tegen sociale fraude en sociale dumping van de federale regering. Het actieplan vertoont gebreken, is onvoldoende onderbouwd en bevat weinig concrete acties, luidt het in een nieuw rapport. Bevoegd staatssecretaris Philippe De Backer (Open Vld) reageert dat beterschap op komst is met de intussen opgestarte hervormingen. “Het Rekenhof concludeert dat de opmaak en de opvolging van het actieplan gebreken vertonen”, zo valt te lezen. “De inhoud is onduidelijk, het actieplan is onvoldoende onderbouwd, het bevat weinig concrete doelstellingen en acties, de opvolging ervan levert onvolledige informatie op en de informatieverstrekking aan het parlement over het plan is niet transparant.”

Het doorgelichte actieplan werd nog opgesteld door De Backers partijgenoot en voorganger Bart Tommelein, in samenwerking met de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (SIOD). Doel ervan is sociale fraude en sociale dumping bestrijden en de werking van de diverse inspectiediensten coördineren.



Na een audit besluit het Rekenhof vooreerst dat “veel” acties in het plan overlappen of er “niet in thuis horen”. De keuze van de te bestrijden fraudefenomenen, van de sectoren en van de onderliggende acties is ook “amper onderbouwd”, terwijl actiepunten soms weinig uitgewerkt zijn en aan de prioritaire fraudefenomenen geen doelstellingen of indicatoren gekoppeld zijn waaruit zou blijken welke concrete resultaten de regering wil bereiken.

“De strijd tegen de sociale fraude wordt in de praktijk vooral gevoerd binnen een budgettair kader, waarbij soms onrealistische verwachtingen worden gesteld”, vervolgt het Rekenhof. “Hoeveel middelen voor de uitvoering van het actieplan nodig zijn, is niet bekend.” En verderop: “De SIOD beschikt momenteel over te weinig middelen om zijn taken behoorlijk uit te voeren.”

Tot slot klinkt het dat de acties uit het plan niet afzonderlijk opgevolgd worden, terwijl ook de financiële rapportering slechts “een aanwijzing (geeft) van de opbrengsten van de strijd tegen sociale fraude in zijn geheel”. “Het beleid kan daardoor niet goed worden geëvalueerd, zelfs niet als de SIOD daarvoor voldoende personeel zou hebben.”

Huidig staatssecretaris De Backer benadrukt in zijn reactie dat de intussen opgestarte hervormingen en de moderniseringstrajecten bij de inspectiediensten al “tegemoet komen aan heel wat bemerkingen”. Hij erkent dat de coördinatie beter kan, maar toont zich niettemin tevreden over de output op het terrein. Uit buitenlandse contacten besluit hij bovendien “dat de Belgische sociale inspectiediensten als een referentie in Europa gezien worden”. Niettemin is het zijn ambitie “om de centrale aansturing van de sociale fraudebestrijding nog te verbeteren en de monitoring en transparantie van de input en output verder te professionaliseren”.

bron: Belga