Alderweireld voelt zich bij nationale ploeg belangrijker worden

Alderweireld voelt zich bij nationale ploeg belangrijker worden

Toby Alderweireld versiert dinsdagavond in de oefeninterland in en tegen Rusland zijn 67e cap bij de nationale ploeg, een indrukwekkend aantal voor een pas 28 jaar geworden voetballer. Daarbij komt ook dat het statuut van Alderweireld bij de Rode Duivels in de loop der jaren veranderd is. In de viermansverdediging van Marc Wilmots was hij vaak rechtsachter, bij de drie achterin van Martinez heeft hij als centrale verdediger een leiderspositie. “Ik voel natuurlijk ook dat ik belangrijker geworden ben, ik draai dan ook al een tijdje mee. Veel hangt ook af van de prestaties bij je club. Maar als de coach me nodig heeft op de rechtsachter, kan ik daar ook spelen”, aldus de verdediger van de Spurs, die dinsdag Thomas Vermaelen naast zich krijgt als vervanger van de geblesseerde Laurent Ciman. “Ik heb al wel vaker met hem gespeeld. Thomas is een modelprof, maar spijtig genoeg vaak geblesseerd.”

De verplaatsing naar Rusland voor een oefeninterland op dit tijdstip van het jaar werd niet overal op applaus onthaald. “Als prof moet je”, bekende Alderweireld. “We wisten het op voorhand, dus konden we ons mentaal voorbereiden. Vriendschappelijke wedstrijden bestaan voor mij echter niet: je speelt voor je land en dan wil je winnen. Ik beschouw het dus als een leuke wedstrijd tegen een sterke tegenstander. Bovendien is het een goeie voorbereiding op volgend jaar, we kunnen de sfeer hier al eens opsnuiven. Niet enkel het financiële aspect is dus belangrijk, maar ook het sportieve.”



Zaterdag ontsnapten de Rode Duivels pas in de slotfase aan een blamage tegen Griekenland. Verder dan de gelijkmaker kwamen ze echter niet, waardoor het eerste puntenverlies in deze campagne een feit is. “We hebben daar met de groep over gesproken, want het moest beter. Ik was dan ook teleurgesteld over onze wedstrijd. We moeten proberen om minder snel gefrustreerd te geraken en kalm naar oplossingen te zoeken. Maar het was ook lastig om tegen zo’n team te moeten voetballen en al zeker op zo’n slecht veld. De wilskracht was er dan weer wel. De volgende keer mogen we het zover niet laten komen.”

bron: Belga