Een kijkje achter de schermen bij ‘Surfing – The cult of Cool’: “De Noordzee is ideaal om te leren surfen”

Foto's Nick Verhaeghe

Tijdens hun zoektocht naar de beste golf stranden surfers vaak in het paradijselijke Bali of Hawaï. Toch hoef je zo ver niet te gaan om de sport onder de knie te krijgen: onze eigen Noordzee is de ideale plek om te leren surfen. Dat en nog veel meer ontdek je tijdens ‘Surfing – The Cult of Cool’, een gratis expo over de surfcultuur in Cultuurcentrum Knokke-Heist.

Peter van Lier, creatief verantwoordelijke van de tentoonstelling, is zelf in de surfcultuur gedoken ter voorbereiding van ‘Surfing – The Cult of Cool’. In dat brede verhaal kwamen vijf onderdelen naar voren, die meteen ook de kapstok vormen van de expo.

1. Eeuwenoude aloha-spirit

De geschiedenis van de surfcultuur begint met de aloha-spirit in Hawaï, waar honderden jaren geleden al werd gesurft door jong en oud. “Mensen leefden daar in eenheid met de natuur”, vertelt Peter van Lier. “Hun nederige houding ten opzichte van het water kwam voort uit het besef dat de kracht van het water eindeloos veel groter is dan die van de mens. Die spirit hebben ze willen vatten in het woord ‘aloha’, wat onder meer staat voor ‘liefde’, ‘compassie’, ‘vrede’ en ‘dank’.” De dag van vandaag leven surfers nog steeds vanuit dat oerbegrip. “Om goed te kunnen surfen moet je in een flow komen door vertrouwen te hebben in de zee en je te laten meevoeren door de golven”. Aan het begin van de twintigste eeuw werd de Hawaïaanse surfcultuur opgepikt door Amerikaanse toeristen. Na de Tweede Wereldoorlog werd ze wereldwijd verspreid en ging ze deel uitmaken van de Westerse populaire cultuur via muziek en films.

2. De nukkige Noordzee

In 1987 hebben The Beach Boys een historisch concert gegeven op het strand in Knokke-Heist met wel 15.000 bezoekers. Dat optreden was een mijlpaal voor de Belgische surfcultuur. Aan de Belgische kust zijn er tegenwoordig wel twintig plekken waar surfles gegeven wordt. Dit jaar viert één daarvan, Surfers Paradise, zijn dertigjarig bestaan. Die watersportclub in Knokke-Heist is van Frank Vanleenhove, de local hero die het surfen in deze contreien zo’n beetje heeft opgestart. “Volgens Frank kun je in België heel goed leren om op een board te staan”, legt Peter van Lier uit. “We hebben geen haaien, geen koraal en geen al te hoge, gevaarlijke golven.” Ook al zijn de weersomstandigheden niet ideaal, een wetsuit houdt je warm. Wanneer er goeie golven staan, gaan surfers zelf in december en januari het water op.

3. Een waterdichte community

Surfers staan wereldwijd met elkaar in contact, maar wat bindt hen? Welke codes hanteren ze? Welke afspraken gelden in het water? “Wanneer de surfers in het water liggen te wachten, bijvoorbeeld, dan mag diegene die vooraan ligt als eerste de golf afdalen. En als die persoon dan gegaan is, mag je hem niet crossen. Wie hem wel voor de voeten gaat, breekt met een code”, verduidelijkt van Lier. “In de expo worden zulke regels uitgelegd en zijn er bijvoorbeeld ook ‘het woordenboek van de surfers’ en een grote wand met Facebook-berichten.” Door de overflow aan surfers is er een soort lokalisme ontstaan op populaire surfplekken in de wereld. Lokale inwoners schrijven dan ‘locals only’ op de rotsen. Toch is er vooral verbinding in de community. Surfers houden wereldwijd een schuin oog op de weerkaarten en als de wind in de goede richting staat, dan communiceren ze dat met elkaar.

4. Riding the wave

Professionele surfers trotseren golven die tot twintig meter hoog gaan. “Dat big wave surfen kun je je bijna niet voorstellen’, zegt van Lier. “In dit deel van de expo is dan ook spectaculair filmmateriaal te zien, onder meer van ‘barrelsurfen’: profs die in een soort watertunnel terechtkomen waarbij de golven hen over de kop slaan.” Professionals zijn niet alleen goede surfers, ze zien er meestal ook goed uit. Zij die het hele pakketje bezitten, worden er op een bepaald moment als model uitgepikt door een sportmerk, zoals Quiksilver of O’Neill. Zo worden ze de paradepaardjes van dat merk en verschijnen ze als prinsen op het water in verschillende commercials. “Kelly Slater is bijvoorbeeld zo’n grote surfster”, verklaart van Lier. “De wedstrijden waaraan hij en andere profs deelnemen, trekken tienduizenden bezoekers naar het strand.”

5. Exotische beeldcultuur

In het laatste deel van de tentoonstelling waant de bezoeker zich in het tropische Bali. In het kleurrijke ‘surf house’ wordt een typische, exotische hangplek gecreëerd met posters en foto’s van de beeldcultuur aan de muren. “Ook kun je daar de typische bucketlist ontdekken: de verlaten strandjes waar de surfer naartoe wilt, de specifieke golven die hij of zij ooit wil berijden”, aldus van Lier. “Overigens is surfen even populair bij mannen als vrouwen, zowel in studentenverenigingen als in professionele context. Het is die hang naar de verte die surfers bindt.”

Door Charlotte De Cort 

Wat is ‘Surfing – The Cult of Cool’?
Van 25 maart t.e.m. 28 mei 2017 vindt de eerste grote surftentoonstelling in België plaats in het Cultuurcentrum Knokke-Heist. ‘Surfing – The Cult of Cool’ dompelt de bezoeker onder in de culturele geschiedenis van het golfsurfen. Je surft mee op de eeuwenoude aloha-spirit en laat je meedeinen op de golven van het avontuur. Toegang is gratis.
www.knokke-heist.be/Surfexpo