Eva Daeleman: “Saai zijn is echt heerlijk”

Eva Daeleman
Foto Freya Goossens

2015 wordt haar jaar, beweerde MNM-presentator Peter Van De Veire. Maar die profetie bevatte evenveel waarheid als het jaarlijkse weerbericht dat een witte kerst voorspelt. Het lontje van Eva Daeleman was opgebrand. Gelukkig was daar Olav, een schaamteloos vrolijke viervoeter die hielp om de emotionele katers te verjagen. Dat ze haar nieuwe boek ‘Het jaar van de hond’ noemde, is dan ook erg toepasselijk.

We hebben afgesproken voor een koffie in Mechelen, en terwijl buiten de eerste lentezon door de wolken piept, komt de platinablondine aangefietst op haar muntgroene fiets. Tot mijn grote opluchting is er nergens een mopshond te bespeuren.

Net zoals jij heb ik énorm veel schrik van honden. Hoe kwam je dan in godsnaam op het idee om er eentje in huis te halen?

“Het klinkt raar, maar ik had het gevoel dat hij op mij aan het wachten was. Ik droomde vaak dat er een hond rondtrippelde in mijn huis en dat die de beste therapeut was die ik me kon voorstellen. Op dat moment zat ik trouwens zo diep, dat ik me niet kon inbeelden dat het nog erger zou worden.”

En uiteindelijk bleek die droom werkelijkheid te worden.



“Hij werd mijn beste vriend, mijn kindje, mijn therapeut en mijn spiegel. Als ik slecht gezind ben, gedraagt hij zich ook vervelend. Daardoor kreeg ik het gevoel: nu zijn wij het tegen de wereld. En uiteindelijk bezorgde Olav mij ook mijn glimlach weer terug.”

Ik vind het opvallend hoe open je spreekt en schrijft over je burn-out.

“Dat is gewoon mijn manier van communiceren. Ik kan niet anders dan eerlijk vertellen over die periode. Soms leek ik langs de buitenkant te stralen, terwijl dat vanbinnen niet zo was. Eigenlijk doen we dat allemaal, die perfectie nastreven – op sociale media en in het echte leven. Dat ideaalbeeld wil ik doorprikken. We moeten niet altijd het zonnetje in huis zijn of alles perfect op orde hebben. Soms mogen we een softie zijn en wat milder uit de hoek komen voor jezelf en voor de andere.”

Je schrijft ook heel openhartig over je vrijgezellenbestaan. Vind je dat vervelend?

“Af en toe suckt dat, en dat wil je natuurlijk nét niet. Je wil dat het heel oké is om single te zijn, maar dat blijft gewoon moeilijk. Onze maatschappij is niet gericht op vrijgezellen. Die doet alsof single zijn hetzelfde is als in de wachtkamer zitten, en dat is emotioneel zwaar. Je botst vaker op teleurstellingen en krijgt veel meer te slikken. Figuurlijk dan, ik bedoel het niet letterlijk!” (lacht)

De eerste zin van ‘Het jaar van de hond’ is: ‘Je mag voor dit boek de tijd nemen, er is al haast genoeg’. Hoe probeer jij te onthaasten?

“Wandelen met Olav doet altijd deugd. Sowieso vind ik het zalig om in het groen te zijn. Ik ben zelden verwonderd door mensen, maar des te meer door de natuur. En daarnaast vind ik saai zijn echt heerlijk. ’s Ochtends lang uitslapen en rustig ontbijten, zalig gewoon.”

“Soms mogen we een softie zijn”

Zijn dingen als saai zijn en lekkerlui bankhangen ondertussen ook een trend geworden?

“Dat kan bijna niet anders. Ik vind het jammer dat men zulke activiteiten bestempelt als een trend, maar het is niet onlogisch. Als je van maandag tot vrijdag moet presteren en op zaterdagavond ook nog eens moet pieken, dan kan je dat niet volhouden. In onze veeleisende maatschappij is het gewoon nodig om af en toe op de pauzeknop te duwen.”

Ben je daarom ook begonnen met yoga?

“Eigenlijk ben ik daar al langer mee bezig. Vijf jaar geleden ben ik gestart met bikram yoga, de superheftige versie in een kamer van veertig graden waarbij je negentig minuten lang zweet als een paard en denkt dat je gaat sterven. Omdat ik veel te competitiegericht was, raadde mijn huisarts aan om relaxatieyoga uit te proberen. In eerste instantie weigerde ik dat omdat ik dat veel te saai vond – toen was ik nog tegen saaiheid. (lacht) Uiteindelijk ben ik toch geplooid en na één les kwam ik als herboren buiten.”

Ondertussen geef je zelfs yogales. Waarom wilde je gaan lesgeven?

“Oorspronkelijk heb ik gekozen voor een yogi-opleiding om mijn eigen lichaam beter te begrijpen. Maar tijdens die training flapperden mijn oren zo hard dat ik die info luidkeels wou verkondigen en meegeven met andere mensen. (lacht) Ondertussen ben ik bijna drie maanden bezig, en het is fantastisch om te zien hoe mensen soms met een verwrongen gezicht de les binnenkomen en achteraf breed glimlachend buitenwandelen.”

Je schrijft ook dat je spiritueel bent. Wat bedoel je daarmee?

“Het heeft niet veel gescheeld of ik was er niet meer geweest. Ik kon maar niet begrijpen waarom ik de aanslag in Zaventem overleefd heb. Uiteindelijk heb ik me erbij neergelegd dat we als mensen niet alles weten of in de hand hebben. En ik geloof echt dat er meer is dan we denken: de kosmos, karma, de kracht van positiviteit, enzovoort. Dat speelt allemaal een rol.”

Hoe ben je erin geslaagd om die aanslag een plaats te kunnen geven?

“Hoe vreselijk die ervaring ook was, ik heb met mezelf afgesproken dat ik nooit als een slachtoffer door het leven zou gaan. Ik vind Calimero heel schattig, maar ik wil zelf geen Calimero zijn. Hetzelfde geldt voor mijn burn-out: ik moest en zou daar sterker uitkomen.”

Je lijkt ook sterker. In je boek staat bijvoorbeeld dat je je verstopt achter schmink, terwijl je een tijdje geleden besloten hebt om puur natuur door het leven te gaan. Had je dan plots niet meer de nood om je te verbergen achter een laag make-up?

“Eigenlijk werd ik op den duur gek van mezelf. Als een vriendin me onverwacht uitnodigde om samen iets te gaan drinken, begon ik in allerijl nog mijn wallen, vlekjes of puisten te verdoezelen met schmink. Dat is toch absurd? Mijn therapeut zei ook dat mensen meer naar mijn ogen keken en de vlekjes niet opmerkten, en daar putte ik moed uit. Nu ben ik blij met die beslissing. Ik sta veel dichter bij mezelf en ben niet langer in de ban van de borstel.” (lacht)

Liesbeth De Corte

RECENSIEOVERZICHT
Het jaar van de hond