Pendelaar Simon Deblieck: “Dankzij de kookles ben ik veel kritischer op restaurant”

Elke week grijpt Metro een pendelaar bij de kraag voor een kort gesprek. Achter elke anonieme reiziger schuilt immers een verrassende persoonlijkheid. Deze week is het de beurt aan Simon Deblieck, een 26-jarige meubelmaker.

ZICHT
Uit een soort beroepsmisvorming ga je mij op café vaak onder tafel zien kijken om te analyseren hoe die in elkaar is gezet. Het is gemakkelijk om de onderdelen van een meubel met vijzen vast te zetten, maar de kunst is om die te verbergen, zodat alles precies magisch aan elkaar hangt. Zelf ben ik een autodidact, maar ik heb ondertussen een eigen houtbewerkingsatelier in Brussel: Woodds, een samentrekking van ‘wood’ en mijn initialen.
www.woodds.com

GEHOOR
Sinds een tweetal jaar speel ik bij Borokov, een negenkoppige band die garage balkan en klezmer brengt onder de noemer ‘feestmuziek’. Vorig jaar hebben we een vijftigtal keer opgetreden. Zo hebben we onder meer op Sfinks festival, Esperanzah en Dranouter gespeeld. Sinds kort heb ik mijn trompet ingewisseld voor een euphonium. Die kleine tuba heeft dezelfde vingerzetting, maar klinkt veel lager.

SMAAK
In mijn vrije tijd ga ik naar de kookles omdat ik het belangrijk vind om gezond én lekker te eten. Ik kookte vaak dezelfde gerechten en wist bijvoorbeeld niet hoe je sauzen bereidt. Door de kookles ben ik veel kritischer geworden op restaurant. Als ik iets lauw geserveerd krijg, of mijn gerecht is niet goed gekruid, dan kan ik er minder van genieten dan vroeger. Dankzij de kookles leer ik niet alleen bij, we mogen nadien ook alles opeten!

REUK
Als mensen mijn atelier binnenwandelen, zeggen ze negen kansen op de tien dat het hout zo lekker ruikt. Tegenwoordig zitten veel werknemers aan een bureau in synthetische ruimtes waar niet veel authentieke reukstoffen zijn. Stadsmensen kennen de natuurlijke geur van gezaagd hout vaak niet meer. Er is één houtsoort die een heerlijke, specifieke geur verspreidt: buxus. Dat is hard hout afkomstig van bomen die minstens driehonderd jaar oud zijn, ideaal om juwelen mee te maken.

TAST
ls meubelmaker kan ik niet zonder mijn handen. Ik gebruik ze vaak om te voelen of een houtoppervlak helemaal glad en egaal is. Van splinters heb ik niet zo vaak last, aangezien mijn handen een natuurlijk schild hebben gevormd. Tijdens het zagen moet je steeds goed opletten, maar gelukkig heb ik nog niets voor gehad met mijn handen. Ik zal maar hout vasthouden! (lacht)

ZESDE ZINTUIG 
Vrienden bellen mij vaak om een beroep te doen op mijn technisch inzicht. Zelfs als hun auto een raar geluid maakt, bellen ze mij! Meestal zit mijn antwoord dan wel in de juiste richting. Ook in de Chiro was ik altijd de klusjesman die alles herstelde. Dat is allemaal begonnen toen ik van mijn vader – zelf een orgelbouwer – rond mijn twaalfde een werkbank kreeg in de kelder, waar ik aan de slag kon met mijn gereedschapskist.

Tekst en foto door Charlotte De Cort