Kazachgate – Comité P kreeg “vervalste stukken” niet, zegt toenmalig voorzitter

Het Comité P, dat de politiediensten controleert, heeft geen “dysfuncties” vastgesteld toen het in 2002 naging of er sprake was van een tweede, vervalst proces-verbaal in het naturalisatiedossier van de Oezbeekse miljardair Patokh Chodiev. De dienst kon de toenmalige commissaris van Waterloo Michel Vandewalle niet met mogelijk vervalste stukken confronteren, omdat hij er niet over beschikte. Dat heeft André Vandoren, de toenmalige voorzitter van het Comité P, woensdag verklaard voor de parlementaire onderzoekscommissie Kazachgate. Die buigt zich over de totstandkoming van de afkoopwet voor fiscale fraudeurs en de latere toepassing. Een eerste dossier die de commissie tegen het licht houdt, is dat van de naturalisatie van Chodiev en een Kazachse kompaan, die samen met een andere Kazach als eerste van de gewijzigde wet gebruikmaakten.
De voorbije weken kwamen in de commissie twee mogelijk vervalste stukken ter sprake in dat naturalisatiedossier. Een eerste is een positief politieverslag over Chodiev met daaronder de handtekening van commissaris Vandewalle, dat volgens hem vervalst is. Dat geldt volgens Vandewalle ook voor een verslag van een wijkagent waarin stond dat men best geen haast zou maken met het naturalisatiedossier van Chodiev wegens vermeende banden met de Russische maffia.
Binnen de commissie waren de voorbije weken vragen gerezen over de grondigheid waarmee het Comité P in 2002 onderzoek voerde naar die documenten, waarvan indertijd sprake was in een artikel van De Morgen. Het Comité ondervroeg toen commissaris Vandewalle en concludeerde dat er geen dysfuncties waren. In de stukken die de commissaris overhandigde, was geen sprake van een tweede onderzoek of proces-verbaal, legde Vandoren uit. “Er werd niets gemeld aan het parket, want er was geen fout”, luidde het. “Mochten er elementen hebben gewezen op een inbreuk, dan zou die informatie naar het parket zijn doorgestuurd.”
Het interview vond plaats in april 2002. In november van dat jaar ontving Walter De Smedt van het Comité I, dat de inlichtingendienst controleert, dezelfde twee documenten van een tipgever. Hij weet naar eigen zeggen niet meer van wie, maar vermoedt dat hij de documenten heeft “geformaliseerd” en nadien aan het Comité I heeft overgemaakt, waarna ze bij het Comité P zouden moeten belanden.
Maar volgens Vandoren zijn beide stukken daar niet aangekomen. “Het is moeilijk dat te herinneren, maar als de stukken zouden overgemaakt zijn, dan zouden ze zijn opgeslagen in onze gegevensbank en zou er zeker rekening mee worden gehouden”, zei Vandoren. “Ik heb de stukken niet gevonden in het dossier.”

bron: Belga