Mensen met een duister gevoel voor humor zijn intelligenter

Ziektes, oorlog, de dood … de onderwerpen zijn op zich niet grappig. Maar er toch in slagen om moppen te tappen over deze thema’s, zou wijzen op een hogere intelligentiegraad en minder agressief gedrag.

Dat beweren wetenschappers van de Medische Universiteit van Wenen ten minste in een onderzoek, gepubliceerd in Cognitive Processing. Zij zochten naar een link tussen een voorkeur van duistere humor en persoonlijke eigenschappen, zoals intelligentie en agressie.



Voor de studie vroegen de onderzoekers 156 proefpersonen van allerlei achtergronden om twaalf cartoons uit de ‘Das Schwarze Buch’ van de Duitse cartoonist Uli Stein aandachtig te bekijken en te interpreteren.

Ze moesten bijvoorbeeld een score geven op hoe verrassend de punchline was, hoe moeilijk het was om alles te snappen, hoe vulgair de tekening was, … Een voorbeeld van de cartoons was een dokter die na een medische test uitlegt aan een zwangere vrouw dat haar kind nooit problemen zal hebben om een parkeerplaats te vinden.

Op basis van de scores, konden de onderzoekers de deelnemers indelen in drie groepen. Proefpersonen die de cartoons niet snapten, waren doorgaans minder intelligent en vertoonden meer agressieve gedachten.

De tweede groep snapte de tekeningen wel, maar waardeerde de humor niet. Zij waren gemiddeld genomen even intelligent als de eerste groep, maar vertoonden de meeste negatieve en agressieve gedachten.

Deelnemers die eens goed konden lachen, waren gemiddeld genomen slimmer en minder gewelddadig. Een verrassende conclusie voor de wetenschappers, omdat eerder onderzoek een link had gelegd tussen geweld en zwarte humor.

“We kunnen een duidelijk verband waarnemen tussen het verwerken van duistere grappen en intelligentie. Agressieve gedachten en een slecht humeur wegen wel zwaar op het genot van de cartoons. De verwerking van dit soort humor is een complexe taak waarbij kennis en emoties een duidelijk rol spelen”, besluiten de auteurs.

Foto Flickr