Debat in Vlaams Parlement met hoog welles-nietesgehalte

Debat in Vlaams Parlement met hoog welles-nietesgehalte

Het Vlaams Parlement heeft uitgebreid gedebatteerd over het akkoord over de hervorming van het secundair onderwijs. Dat debat verzandde grotendeels in een welles-nietesdiscussie waarbij de oppositiepartijen vinden dat er eigenlijk amper iets verandert terwijl de regeringspartijen het belang en de troeven van de hervorming onderstrepen. Afgelopen vrijdag bereikte de Vlaamse regering een akkoord over de hervorming van het secundair onderwijs. Over dat akkoord is de voorbije dagen al bijzonder veel gezegd en geschreven. Ook het Vlaams Parlement ging woensdag in debat over het akkoord.

Dat debat volgde grotendeels de verwachte paden. Oppositiepartijen Groen en sp.a zijn teleurgesteld in de voorgestelde hervorming. Groen spreekt van een non-hervorming. “De Vlaamse regering dronk een glas deed een plas en alles bleef zoals het was”, aldus Elisabeth Meuleman. Groen betreurt vooral het ontbreken van een uitgestelde studiekeuze.



Ook sp.a vindt dat vooral het “status quo” wordt bewaard en is er niet van overtuigd dat “deze kat wel muizen zal vangen”. De Vlaamse socialisten betreuren onder meer het ontbreken van de uitgestelde studiekeuze en het feit dat de labels en bijhorende muren tussen aso, tso, bso en kso behouden blijven.

Een naar eigen zeggen “trotse” minister van Onderwijs Hilde Crevits verdedigde het akkoord tegen de kritiek en werd daarin gesteund door de coalitiepartners N-VA en Open Vld. Vooral N-VA-onderwijsspecialist Koen Daniëls zette alle zeilen bij om de moeizaam bereikte consensus te verdedigen. “Het onderwijs wordt niet op zijn kop gezet. Dat klopt. (…) We behouden wat goed is, tene quod bene, maar we doen gerichte bijsturingen”, aldus Daniëls.

Dat de brede eerste graad definitief naar de prullenmand is verwezen, is volgens Daniëls een goede zaak. “Wij zijn ervan overtuigd dat niet alle leerlingen dezelfde capaciteiten hebben en dus moet je ze ook niet samen zetten. Ongelijke leerlingen moet je niet gelijk behandelen.”

Open Vld-onderwijsspecialist Jo De Ro ergerde zich dan weer aan de discussie over het al dan niet behouden van de labels (aso, tso, bso, kso). Die discussie is volgens hem niet essentieel, net omdat het onderwijsveld zelf de keuze heeft om die labels te behouden of niet. Volgens De Ro is het van groter belang om bijvoorbeeld te kijken naar een betere voorbereiding en begeleiding van de leerlingen.

bron: Belga