UEFA waarschuwt voor negen ‘superclubs’

AFP / J. Zelevansky

Ondanks de invoering van de Financial Fair Play-regels neemt de ongelijkheid binnen het Europese voetbal alleen maar toe. Negen ‘superclubs’ hebben zoveel voorsprong genomen dat ze binnenkort niet meer bijgebeend kunnen worden, zo waarschuwt de UEFA.

Het gaat om Manchester United, Manchester City, Arsenal, Chelsea, Liverpool, Real Madrid, Barcelona, Bayern München en Paris Saint-Germain. Uit een rapport van de Europese voetbalbond, dat de Daily Mail kon inkijken, blijkt dat deze negen ‘superclubs’ hun jaarlijkse commerciële inkomsten met 115 miljoen euro hebben zien toenemen sinds 2010.



Ter vergelijking: dat is 100 keer zoveel als het gemiddelde van de andere 700 Europese eersteklassers. Dat valt deels te verklaren door de stijgende invloed van sociale media, die het voor de absolute topclubs nog gemakkelijker maakt om hun fans wereldwijd te bedienen.

UEFA-voorzitter Aleksander Ceferin ziet die evolutie met lede ogen toe. «We moeten waakzam zijn voor een paar negatieve evoluties in het Europese voetbal», waarschuwt de Sloveen. «Het gaat onder meer om de stijging van de salarissen en de concentratie van commerciële en sponsorinkomsten bij een handvol clubs.»

Toch staat er ook positief nieuws in het rapport. Zo blijken de regels rond Financial Fair Play, die in 2014 ingevoerd werden, hun vruchten af te werpen. De Europese clubs maken niet langer massaal schulden. Van een totale schuldenberg van zo’n 600 miljoen euro is de balans geëvolueerd naar een winst van 1,3 miljard euro. Clubs geven dus niet langer veel meer geld uit dan ze binnenkrijgen.