“Bijkomende ondersteuning van de sector nodig voor inclusieve kinderopvang”

Bijkomende ondersteuning van de sector nodig voor inclusieve kinderopvang

“Inclusieve kinderopvang moet inderdaad nog versterkt worden, maar dat zal zeker nog inspanningen en bijkomende ondersteuning van de sector vragen.” Dat zegt Kind en Gezin vandaag, in een reactie op de plannen van Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V), om op termijn alle kinderopvang in Vlaanderen inclusief te maken. Vandeurzen reageerde daarmee op uitspraken van Jean-Pierre Van Baelen, de voorzitter van de taskforce die de omschakeling naar het systeem van de persoonsvolgende financiering (PVF) in de sector van personen met een handicap begeleidt.

Van Baelen pleit voor een inclusieve kinderopvang, en aansluitend inclusief onderwijs, als essentiële opstap naar een inclusieve samenleving.



Ook Kind en Gezin is voorstander van een uitgebreide inclusieve kinderopvang, “maar dan moet er wel bijkomende ondersteuning voor de sector komen”, klinkt het.

In principe is de kinderopvang in Vlaanderen al inclusief: wettelijk mag geen enkel kind gediscrimineerd worden. Om de opvang van kinderen met specifieke zorgbehoeften te ondersteunen, zijn er sinds 2014 in Vlaanderen 16 centra voor inclusieve opvang actief, in verschillende regio’s. Die centra bieden zelf inclusieve opvang aan, maar ondersteunen ook de andere opvanglocaties en onthaalouders in de buurt. Maar niet alle kinderen met een handicap kunnen daarvan profiteren: in 2015 kregen de opvanglocaties in Vlaanderen voor 1.436 kinderen extra subsidies toegekend. Iets meer dan 40 procent van die kinderen (618) werden opgevangen in een regio zonder centrum voor inclusieve opvang.

“Inclusieve kinderopvang kan dus nog versterkt kan worden. Er moet nog meer keuze moet komen voor gezinnen dan ze vandaag hebben”, klinkt het bij Kind en Gezin. Concreet denkt de organisatie bijvoorbeeld aan een betere samenwerking tussen kinderopvang en semi-internaten voor jonge kinderen met een handicap.

bron: Belga