Bonden De Lijn furieus over minimale dienstverlening

Belga / S. Gremmelprez

Lijnbussen moeten voortaan ook rijden bij aangekondigde stakingen, dat staat in de nieuwe beheersovereenkomst met de openbaarvervoermaatschappij. Maar die resolutie zet kwaad bloed bij de vakbonden.

Zeggen dat het niet botert tussen minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) en de bonden van De Lijn is een understatement. Dit weekend maakte Weyts bekend dat er een minimale dienstverlening moet komen tijdens stakingen. “De nieuwe beheersovereenkomst is hét moment om de minimale dienstverlening te realiseren”, bevestigt zijn woordvoerder aan Het Nieuwsblad. “We gaan daar nu werk van maken.”

De vakbonden reageren met een resolute ‘njet’. Volgens Rita Coeck van de socialistische bond ACOD schaadt een minimale dienstverlening zelfs het stakingsrecht. “Bij ons geldt hetzelfde als bij de NMBS: je hebt heel veel personeel nodig om één bus of trein te doen rijden. Een bus is meer dan de chauffeur alleen. Er is ook dispatching en controle nodig, de bussen moeten ’s morgens kunnen uitrijden en ’s avonds weer binnenrijden… Zodra je een aantal bussen laat rijden, is een staking in feite al gebroken.”

Ook ACV wil niets weten van het voorstel van de mobiliteitsminister. “Minister Weyts had bij zijn aantreden beloofd om niet tussenbeide te komen in het sociaal overleg van vakbonden en directie, maar nu mengt hij zich daar toch in. Dit begint op pestgedrag te lijken”, reageert Jan Coolbrandt van ACV.

De directie van De Lijn zelf wil niet reageren op de vraag van Weyts, gezien de lopende onderhandelingen. Vlaams Parlementslid Annick De Ridder (N-VA), die het initiatief heeft genomen, hoopt in ieder geval dat het er eindelijk van komt, zowel bij De Lijn als bij de NMBS. En opvallend: ook CD&V steunt de resolutie. “Wij willen vooral dat het openbaar vervoer de steun van het brede publiek niet verliest”, besluit Vlaams Parlementslid Dirk De Kort (CD&V). “Bij stakingen dreigt dat wel het geval te zijn.”