Ruzie binnen Vlaams-nationalistische beweging doet Francken “verschrikkelijk veel pijn”

Ruzie binnen Vlaams-nationalistische beweging doet Francken "verschrikkelijk veel pijn"

De ruzie tussen de Vlaamse Volksbeweging (VVB) en N-VA doet staatssecretaris Theo Francken “verschrikkelijk veel pijn”. “We moeten stoppen met elkaar vliegen af te vangen”, reageerde Francken vandaag op Radio 1 na het opzijschuiven van Hendrik Vuye en Veerle Wouters. Het partijbestuur van N-VA besliste gisteren Vuye en Wouters de leiding over de communautaire denktank Objectief V te ontnemen. Het duo is bovendien niet langer welkom op het partijbestuur en het dagelijks bestuur. Aanleiding was de kritiek die Vuye en Wouters hadden gegeven op de communautaire koers van N-VA. Deze namiddag staat een gesprek met partijvoorzitter Bart De Wever geprogrammeerd. Of ze deel van de partij blijven uitmaken, beslissen ze na afloop van die ontmoeting.

Staatssecretaris Francken vindt dat het partijbestuur een goede beslissing heeft genomen. “Wat Hendrik en Veerle gedaan hebben, kan niet meer. Dat hadden we heel duidelijk afgesproken dat dat niet meer kon gebeuren”, aldus Franken. Hij wuift de kritiek weg dat voorzitter De Wever zich dictatoriaal zou gedragen. “Bart overlegt, Bart consulteert. De beslissing is heel duidelijk in consensus genomen”.



Toch doet de ruzie binnen de partij en binnen de Vlaamse beweging hem “verschrikkelijk veel pijn”. “We moeten als Vlaams-nationalisten aan hetzelfde zeel trekken. De beweging heeft haar rol, onze partij heeft haar rol. Maar elkaar beginnen verwijten, dat doet me allemaal verschrikkelijk veel pijn”, zegt Francken.

Afgelopen weekend nog kwam het tot een bits debat tussen Kamerfractieleider Peter De Roover en VVB-voorzitter Bart De Valck. En ook op de beslissing om Vuye en Wouters opzij te schuiven, werd met groot ongenoegen gereageerd.

Francken verwijst nog naar de beginjaren van N-VA en rol die de beweging toen heeft gespeeld. “Ik ben dat niet vergeten, die relatie met de beweging is zeer belangrijk voor mij. En daar moeten we echt in investeren”.

bron: Belga