Brusselse straat wordt sociaal laboratorium

Onze hoofdstad krijgt binnenkort zijn eerste leefstraat. De Sint-Jan-Nepomucenusstraat wordt een plek waar de bewoners de straat omtoveren tot een milieuvriendelijke plek en nieuwe vormen van samenleven uitproberen.

De leefstraten zijn in België zo goed als onbekend. Alleen de Gentenaren konden er al mee kennismaken. Zij kwamen al een paar van dergelijke initiatieven tegen in hun stad. Het opzet van een leefstraat is dat een straat een paar weken wordt afgesloten voor auto’s en dat de vrijgekomen ruimte volledig ter beschikking staat van de bewoners. De nieuwe publieke ruimte wordt ingericht met bankjes, speeltuinen, planten en een kunstgrasveld. De stad Brussel zag potentieel in het project en richt eind augustus voor het eerst in het Brussels gewest een eigen leefstraat in.



Minder auto’s, meer mensen

In de straat wil de stad een “levend laboratorium” creëren en nieuwe vormen van samenwonen ontdekken, met minder auto’s en meer sociale banden. De denkoefening zal niet alleen maar draaien rond de plaatsing van straatmeubilair en de speelinfrastructuur, maar de bedoeling is dat er ook nagedacht wordt over manieren om op een duurzame manier de sociale cohesie te versterken. Het initiatief wordt gesteund door Europa en krijgt ook navolging in onder andere Turijn en Rotterdam.

De bezielster van het project is Schepen van Nederlandstalige aangelegenheden Ans Persoons (sp.a). “Tegen 2018 willen we tussen de drie à vijf leefstraten hebben in de stad Brussel”, aldus de schepen aan Bruzz. Een tiental buurtbewoners zijn alvast positief over de komst van de leefstraat. “Wat wij willen doen is de straat terugclaimen. Dat is geen evidentie, omdat we kampen met straatprostitutie en onveiligheid”, zegt Johan, een van de bewoners.

Foto Brussel Participatie