Verenigd Koninkrijk kiest voor Brexit

Brits EU-referendum - Onzekerheid over uitkomst zet pond op roetsjbaan

De Britse kiezers hebben voor de Brexit gekozen. Het Leave-kamp heeft het gehaald met 51,9% procent van de stemmen. Premier David Cameron, die campagne voerde voor Remain, heeft zijn ontslag gegeven. De eerste minister zal in de komende weken en maanden proberen het rust te brengen in het land, maar  zegt dat hij niet kan aanblijven na deze resultaten.

Na 43-jaar komt er dus een einde aan de haat-liefdeverhouding tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk. Dat is natuurlijk niet zonder gevolgen. Zo zakten zowel de pond als de euro al naar een zeer laag peil. Op een nacht tijd verloor het pond 9,5% van zijn waarde. Donderdagnacht was de munt op een bepaald moment 1,3467 Amerikaanse dollar waard, donderdagavond noteerde ze nog op meer dan 1,50 dollar. Ter vergelijking, tijdens de financiële crisis in 2008 zakte de munt ‘slechts’ 5,9%. Ook de Europese eenheidsmunt zit in de hoek waar de klappen vallen. De euro was omstreeks 05.35 uur 1,1014 dollar waard. Dat was bij het slot van de Europese beurzen op donderdag nog 1,1373 dollar.

Het zal UKIP-leider Nigel Farage worst wezen. Hij spreekt van een Britse “Independence Day” en “dromen van een onafhankelijk Verenigd Koninkrijk”. Of die laatste droom werkelijkheid zal worden is ook niet duidelijk, want de Brexit lijkt een bres te slagen tussen de landen van het Verenigd Koninkrijk. Terwijl Leave aan het langste eind heeft getrokken in Engeland en Wales, stemden de Schotten en de Noord-Ieren massaal voor Remain.

De Noord-Ierse partij Sinn Féin heeft al laten weten dat de regering in Londen nu “geen mandaat meer heeft om de economische en politieke belangen van Noord-Ierland te verdedigen.”De Scottish National Party heeft al laten weten dat Schotland zijn toekomst binnen de Europese Unie ziet.