Vrouwen blijven grootste slachtoffers van discriminatie op het werk

Discriminatie op de werkvloer is nog altijd schering en inslag, zo blijkt uit nieuwe cijfers van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. In 2015 steeg het aantal meldingen over discriminatie op het werk met 18% tegenover het jaar voordien.

Vrouwen blijven de grootste slachtoffers van discriminatie en ongelijkheid, maar de drempel om daadwerkelijk een klacht in te dienen blijft nog steeds hoog. Discriminatie wordt wel vaker gemeld, al dan niet in combinatie met een concrete vraag naar meer informatie.

In vergelijking met 2014 steeg het aantal meldingen met 26,5%. Die stijging is voornamelijk het gevolg van het gestegen aantal juridische vragen die het Instituut in 2015 behandelde. Het aantal klachten steeg slechts minimaal.

Klagen is nog steeds taboe

«Het jaarlijks terugkerende verschil tussen het aantal informatievragen en het aantal klachten wijst erop dat slachtoffers van geslachtsdiscriminatie zich liever over hun rechten informeren, dan een klacht in te dienen», klinkt het bij adjunct-directeur Liesbeth Stevens.

De meeste meldingen in 2015 hadden betrekking op werkgerelateerde discriminatie. Het aantal meldingen hierover steeg met 18% en waren voornamelijk afkomstig van vrouwen. In bijna 4 op de 10 gevallen ging het over zwangerschapsdiscriminatie. «Vrouwen vragen ons vaak of een werkgever tijdens een sollicitatiegesprek het recht heeft om te vragen naar hun kinderwens, of het recht heeft om hen na terugkeer uit moederschapsverlof een andere functie te geven. Zelfs wanneer het Instituut antwoordt dat een werkgever dit recht niet heeft, dienen deze vrouwen toch geen klacht in», klinkt het.

Het glazen plafond

«Veel vrouwen zijn ook het slachtoffer van de loonkloof en het glazen plafond. Tot slot ondervinden ze eveneens discriminatie bij de aanwerving en discriminatie die gelinkt is met zwangerschap of moederschap», aldus Stevens.