Waarom je vinger korter voelt als je er een halve pingpongbal op legt

Als je een halve pingpongbal op je vinger legt, dan voelt die vinger ineens een heel stuk korter aan. Dat komt omdat je brein de pingpongbal vervolledigt en je vinger denkbeeldig inkort om dat te compenseren.
door
Xavier
Leestijd 1 min.

Onderzoekers van de KU Leuven hebben aangetoond dat ons visueel systeem het onderbrekend deel van een bal aanvullen, ook al weten we dat dat er niet is. Dat is de reden waarom onze vinger korter aanvoelt als we er een halve pingpongbal opleggen. Onze hersenen doen dat om de nieuwe grootte van de bal te compenseren.

De truc met de halve pingpongbal kent zijn origine in de wereld van de magie. Daar gebruiken goochelaars al langer halve pingpongballen, omdat die door het publiek aanzien worden als volledige ballen, maar makkelijker te verstoppen zijn.

De onderzoekspsycholoog Vebjorn Ekroll ontdekte dat het menselijke brein de neiging heeft om ronde vormen te vervolledigen. Zelfs als de testpersonen hun vinger binnenin de halve bol, mochten, bleef het visueel deel van hun brein de bol aanvullen. Een bijkomende, opvallende ontdekking was dat de proefpersonen opmerkten dat hun vinger koreter aanvoelden, hoewel ze wisten dat de bol niet volledig was.

Foto Current Biology