Gesprekken over staakt-het-vuren in Syrië zijn mislukt

De Syrische regering heeft opnieuw luchtaanvallen uitgevoerd op Douma, een voorstad van Damascus, nadat gesprekken met de rebellen over een regionaal bestand waren mislukt.

Volgens het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten zijn de gesprekken over een wapenstilstand in de stad Ghouta om meerdere redenen mislukt. Zo wilden de rebellen niet alle alawieten die ze gevangenhouden, vrijlaten. Alawieten hangen een sjitiische stroming van de islam aan, de Syrische president Bashar al-Assad is een van hen.

Ook was er onenigheid over hoeveel voedsel en medicijnen tijdens het bestand naar Ghouta zouden worden verscheept. Ten slotte wilden de rebellen dat het bestand voor heel Ghouta zou gelden, iets wat door vertegenwoordigers van de regering werd afgewezen.

Politieke transitie

De gesprekken vielen samen met breder overleg dat in Wenen werd gehouden. Ministers uit zo’n twintig landen probeerden daar de afgelopen dagen een oplossing te vinden voor het conflict in Syrië. Ze stelden een deadline in op 1 januari om gesprekken te beginnen over een politieke transitie in Syrië, en tekenden een VN-statement waarin ze pleiten voor een staakt-het-vuren tegen mei volgend jaar en vrije verkiezingen een jaar later. Volgens Obama is het einde van de burgeroorlog enkel mogelijk als al-Assad aftreedt. Het lot van de Syrische leider is uitgegroeid tot een belangrijk twistpunt en obstakel voor de vrede in Syrië, waar sinds 2011 nu al meer dan 250.000 doden zijn gevallen.

De Syrische president zegt op zijn beurt dat er geen politieke verandering mogelijk zolang het land wordt aangevallen door terroristen. Het was niet duidelijk of hij daarmee enkel de IS bedoelde, of ook verwees naar de aanvallen van het Westen. Hij beschuldigt het Westen bovendien verantwoordelijk te zijn voor het ontstaan van de jihadistische organisatie IS.