Daniel Craig schittert (een laatste keer?) in Spectre: “James Bond heeft mijn leven veranderd”

Hij heeft zijn vijanden weer met bosjes neergemaaid, liters Martini ‘shaken not stirred’ gedronken, sublieme vrouwen versierd en zijn hoogtevrees overwonnen. Na ‘Casino Royale’, ‘Quantum of Solace’ en ‘Skyfall’ trekt Daniel Craig voor de vierde keer zijn 007-kostuum aan in ‘Spectre’, het nieuwe hoofdstuk in de legendarische saga van Ian Fleming. Onlangs liet hij op CNN nog weten dat hij liever “zijn polsen oversnijdt” dan er nog een te maken. Maar neem dat vooral niet te letterlijk. De kans is groot dat hij nog van gedachten verandert…

Je speelt Bond nu al voor de vierde keer. Wat is er veranderd sinds 2005?



“Ik ben vooral veranderd. Na 10 jaar mag dat ook wel. Met ouder te worden, kijk je anders naar de wereld. Toen ik ermee begon, was het plan om er één te maken en te kijken of het zou werken. We wilden het genre op een originele manier vernieuwen en tegelijkertijd trouw blijven aan de ingrediënten die in de jaren ’60 zo populair waren. Ik ben er trots op dat we erin geslaagd zijn 4 films te maken die elkaar consequent opvolgen. Ze vertegenwoordigen allemaal een speciaal moment in mijn leven.”

Heeft Bond je leven veranderd?

“Absoluut. Maar ik probeer met beide benen op de grond te blijven, want die fantastische wereld is niet compatibel met het normale leven. En ik verkies een normaal leven. Daarom waak ik zo streng over mijn privacy.”

Wat breng jij bij aan dit mythische personage?

“Dat laat ik aan de kijkers over. Voor mij was het in elk geval één grote reis en een belangrijk deel van mijn leven.”

Je werkte na Skyfall opnieuw samen met regisseur Sam Mendes. Wat maakt hem zo uniek?

“Zijn intelligentie, zijn perfectionisme, zijn drang om grenzen te verleggen. Hij heeft een groot talent om het beste uit zijn acteurs te halen. Voor Skyfall was hij het groentje. Iedereen vroeg zich af of hij het wel zou kunnen… Hij heeft duidelijk bewezen van wel. Voor Spectre was er dus minder druk en konden we nóg verder gaan. Met Skyfall bracht hij Bond naar een nieuwe dimensie en zagen we nieuwe facetten van zijn karakter. Het was een ontroerende film. Ik keek echt uit naar wat hij deze keer zou doen en ik ben heel blij met het resultaat. Hij heeft keihard gewerkt.”

Je bent ook co-producer van de film. Wat was je rol?

“Mijn belangrijkste taak als producer was eerst en vooral Sam Mendes vijf keer per dag te bellen en hem te smeken om de film te maken (lacht)! Zo is het begonnen. Daarna organiseerden we een meeting tussen de producers en scenaristen, om te overleggen wat we wilden doen en hoe. De moeilijkheid met zo’n project, is dat je een verhaal van nul moet beginnen te schrijven. We hebben de vorige films opnieuw bekeken en in het verleden van Bond gegraven. Langzaam maar zeker begon de puzzel in elkaar te passen. Deze film producen, was waarschijnlijk het hoogtepunt van mijn carrière. Natuurlijk is het geweldig om de headliner van de affiche te zijn, maar ik ben apetrots dat mijn naam ook naast de rest van de crew in de eindgeneriek verschijnt.”

De openingsscène in Mexico City is indrukwekkend. Hoe kwam die tot stand?

“Het was een heel spannende scène om te draaien. Iedereen op de set keek er geweldig naar uit. Ik maak al lang films en heb aan heel grote producties meegewerkt, maar als zelfs de technici overdonderd zijn dan weet je dat het iets speciaals is. Die gasten hebben alle blockbusters van de laatste 20 jaar gedraaid en zijn echt niet meer zo snel onder de indruk. Voor die openingsscène waren het precies kinderen. Natuurlijk konden we niet alles draaien in het centrum van Mexico City, dus voor sommige stukken trokken we naar de studio. Maar dankzij het talent van de special effects-jongens merk je het verschil niet. Er waren ook meer dan 200 figuranten. Als je al eens op een set bent geweest, weet je hoe vervelend dat kan zijn voor hen. Eindeloze herhalingen, lange wachttijden… maar niemand heeft geklaagd. Iedereen was blij daar te zijn!”

Een andere memorabele scène is die met de trein…

“Het gevecht met de sidekick van de slechterik is een Bond-klassieker die we nieuw leven wilden inblazen. David Bautista was daar de ideale man voor. Hij is niet alleen een kleerkast, maar ook nog eens behendig als een kat. Dat maakt hem echt afschrikwekkend. We hebben wekenlang gerepeteerd. Elke wagon was een sectie en elke sectie hebben we apart opgenomen. Gelukkig moest ik de moeilijkste stunts niet zelf doen, maar daar merk je niets van (lacht).”

Wat was je grootste uitdaging?

“(Denkt na). Ik ben geen klimmer en hou niet echt van hoogtes. Maar voor de Bond-films moest ik wel. In ‘Casino Royale’ zit een vechtscène op een werf, waar ik over een balk ren. Ik hing vast aan een kabel, dus het was niet zo erg als ik viel. Maar dat was een verbijsterende ervaring. Ik moest lopen zonder naar beneden te kijken, terwijl heel de crew toekeek. Je bidt gewoon dat je niet uitglijdt… Mijn hoogtevrees overkomen, was dus de grootste uitdaging, ja.”

Zijn er stunts die je geweigerd hebt?

“Op mijn leeftijd heb ik genoeg ervaring om tegen een regisseur te zeggen: Luister, ik zou deze stunt graag doen, maar ik weet dat mijn stuntman het beter kan! Waarschijnlijk omdat hij wat jonger en veerkrachtiger is (lacht).”

En nu, klaar voor nog een Bond?

“Nu, hier, zou ik graag ‘nee’ zeggen. Maar wie weet, verander ik nog van gedachten. Wat denk jij?”

Door Elli Mastorou