Op citytrip met de smartphone

Citytrippen vergt heel wat voorbereiding. Wat wil je allemaal gezien en gedaan hebben, wat zijn de leukste adresjes om iets lekkers te eten of gezellig te drinken, hoe loop je niet verloren in de onbekende stad, en heb je alle papieren wel mee? Volgens Google kan je alle reisgidsen, camera’s en stafkaarten vanaf nu thuislaten en heb je niet meer nodig dan de Google-apps. We namen de proef op de som en ontdekten Rome met enkel een smartphone in de hand.

De weg vinden



De weg vinden in een onbekende stad is voor mensen zonder oriëntatiegevoel een heuse uitdaging. Gelukkig bestaat er zoiets als een gps, en zijn er allerhande apps met kaarten en wegbeschrijvingen. Google Maps is niet nieuw, maar wordt telkens uitgebreid en verbeterd. Zo kan je manueel of via ‘voice search’ je bestemmingen en must sees invoeren en opslaan.

Ben je op zoek naar het dichtstbijzijnde café, restaurant, hotel of koffiebar, dan doet de app ook enkele voorstellen. De adresjes die van andere Google-gebruikers de beste beoordeling krijgen, verschijnen eerst. Zelf kan je ook je ervaringen delen door een sterrenaantal te geven aan bezienswaardigheden en locale horeca-zaken.

Als je eerder een leuke winkel tegenkwam die op dat moment gesloten was en nu terug wil vinden, kan je de Timeline-feature gebruiken. Die houdt de geschiedenis van je route dag per dag bij.

Vloeiend Italiaans

Een ander probleem waar je in het buitenland mee kan worstelen, is de taalbarrière. Ook Google Translate is onder handen genomen, waardoor het gemakkelijker wordt om teksten te vertalen en gesprekken te voeren met de locals. Je kan zelf enkele zinnen inspreken of de tekst scannen met de camera van je smartphone en rechtstreeks vertalen. Zo ben je er 100% zeker van dat je de juiste smaak gelato bestelt. Bovendien werkt de app ook offline.

Picture perfect

Toeristen kan je al van kilometers ver herkennen wanneer er een camera rond hun nek hangt. Wanneer we op vakantie zijn, wanen we onszelf dan ook al snel een professionele fotograaf. De foto’s krijgen in een map een plekje op je computer en worden met wat geluk één keer per jaar herbekeken of en masse op Facebook gedeeld.

Wie geen zin heeft om met grote spiegelreflexcamera’s te zeulen, kan ook gewoon zijn smartphone gebruiken. De kwaliteit van de lenzen wordt steeds beter, en ook de tools om de foto’s te bewerken breiden maar uit.

Je foto’s kan je vervolgens opslaan in de Photos-app, die de beelden en de bijhorende informatie bijhoudt in de cloud. Zo kan je de foto’s bewaren zonder dat de opslagruimte van je smartphone meteen volledig ingenomen wordt. De app houdt bovendien bij waar en wanneer de foto’s genomen zijn, en wie of wat erop staat.

Onze conclusie?

Toegegeven, de apps zijn wel degelijk een goede gids en een handig hulpmiddel. Vooral de spraaktechnologie is sterk verbeterd. Je hoeft enkel «Oké, Google» te zeggen en je vraag te stellen en je hebt binnen de paar seconden een antwoord. “Waar vind ik de beste ijsjes van Rome?”, “wanneer werd het Colosseum gebouwd?” en “hoe geraak ik terug naar mijn hotel?”. Zelfs haperend, vervlaamst Italiaans verstaat de app. Al blijkt het op iOS minder goed te werken dan op Android.

Hoewel je enkele van de apps ook offline kunt gebruiken, werken ze nog steeds beter met een goede internetverbinding. De kosten van dataverbruik in het buitenland zijn best hoog, wat ervoor zorgt dat je je rekening eindeloos ziet oplopen. Kosten die je misschien liever maakt door nog een dag langer te blijven en hopeloos verloren te lopen?

Heleen De Bisschop