The Avengers – Age of Ultron

Zo’n Marvel-superheldenfilm schrijven, we moeten het dringend zelf eens proberen. Het verdient naar verluidt beter dan recensies pennen voor de krant – de eerste ‘The Avengers’-film rijfde drie jaar geleden anderhalf miljard dollar binnen – en echt moeilijk kan het niet zijn. Men neme: de een of andere steen met buitenaardse krachten, een schurk die dat ding in handen wil krijgen om de aarde te vernietigen, tussendoor wat vrolijk heen-en-weer-geplaag tussen Iron Man, Thor, Captain America en co, en ter afsluiting natuurlijk een gigantisch eindgevecht in overbodige 3D, waarbij onze helden het decor slopen. Zo gaat het al tig films lang, en zo gaat het ook in ‘The Avengers: Age of Ultron’. Geen onaangename film alweer: de gevaarlijke robot Ultron heeft charisma en droge humor, de running gag met Thors hamer is leuk, en de actie loopt lekker – de scène waarin Hulk een enorme Iron Man te lijf gaat, is een hoogtepuntje. Bovendien hanteert regisseur-scenarist Joss Whedon een iets donkerdere toon dan we van Marvel gewend zijn. En toch. Het verrassingselement is weg. We kennen de personages en hun vaste stramien intussen vanbuiten. Gevolg: in de 141 minuten die ‘Age of Ultron’ duurt, viel onze mond niet één keer open van verbazing. En dat is toch het minste wat wij, onverbeterlijke idealisten, van dit soort peperdure sciencefictionprent verwachten.

Aantal sterren: 2/5