Fast & Furious 7

De dood van Paul Walker, een van de hoofdrolspelers in de ‘Fast & Furious’-franchise, hangt als een schaduw boven het zevende deel in de reeks. Walker stierf eind 2013 in een – o ironie – auto-ongeluk. Voor de scènes die hij nog niet had kunnen opnemen, deden de makers een beroep op Walkers broers: een vleugje computermagie zorgt dat je het verschil (bijna) niet ziet. ‘Fast & Furious 7’ culmineert in een prachtige hommage aan de overleden acteur. Waterige oogjes bij een film over autotuners, wie had dat ooit gedacht. Toch maakt het van deze prent geen meesterwerk. De vele personages en soapy verhaallijnen die in de loop der jaren aan de franchise zijn toegevoegd, verzwaren het verhaal. De fun kan daardoor pas na een goed halfuur kan beginnen. Van dan af geeft regisseur James Wan (‘The Conjuring’) wel even plankgas: ‘Fast & Furious 7’ piekt in het midden, met een reeks totaal uitzinnige actiescènes waarin auto’s op allerlei manieren de zwaartekracht tarten. Heerlijk entertainment. Maar ook al is “over the top” inmiddels het handelsmerk van deze filmreeks, dat betekent niet dat je het als kijker zomaar slikt als er weer eens iemand een metershoge val zonder één schrammetje overleeft. De eindafrekening in L.A. duurt bovendien veel te lang, en tot overmaat van ramp durft Vin Diesel luidop beweren dat Corona lekkerder is dan Belgisch Trappistenbier. Onvergeeflijk.

Aantal sterren: 2/5