Milieuvriendelijk naar het werk

Verklein je ecologische voetafdruk, begin met je woon-werk-verkeer. Met dat uitgangspunt vergelijken we drie ‘groene’ transportmiddelen. Zwoegend op de fiets, zoemend in een elektrische wagen en lezend op de trein: Metro deed de test tussen Antwerpen en Brussel.

Fiets - liggend 1

FIETS

De spits bijten we af met onze grootste uitdaging: die waarbij het van onze eigen spierkracht afhangt. Met een zeemvel in de broek en een helm op het hoofd, bollen we in alle vroegte naar de veelgeprezen fietsostrade. Die moet ons van Antwerpen naar Mechelen brengen. Onze eerste kilometers lopen door een mooie en rustgevende omgeving, parallel met de sporen.

Eenmaal aangekomen in de Dijlestad, spreekt het traject minder tot de verbeelding en is het best ingewikkeld. De route bestaat uit veel draaien, keren en drukke banen. Bovendien zorgen het glooiende landschap en vooral de vele verkeerslichten voor het nodige oponthoud.

Lichtpuntje zijn de sympathieke dorpskernen : onder een stralende zon rijden we door Zemst, Weerde en Perk. Ten oosten van de luchthaven gaat het vervolgens langs Steenokkerzeel, de luchthaven van Zaventem, Nossegem en zo via Sint-Stevens-Woluwe naar Schaarbeek en het hectische centrum van Brussel. Aan een gezapig tempo en met één tussenstop in een tankstation om een sportdrankje te nuttigen, bereiken we onze bestemming, na bijna 3u30 over een 60-tal kilometer.

Bij aankomst kan ik – gelukkig voor mij en vooral voor mijn collega’s – een verfrissende douche nemen in een nabijgelegen fitnesscentrum. Uiteindelijk zit ik rond het middaguur aan mijn bureau. Na een lange werkdag is het ’s avonds een hele opluchting dat mijn fiets voor 5 euro mee de trein op mag.

+ goed voor de conditie
+ niet in de file en geen vertraging

– je bent afhankelijk van het weer
– je kan weinig bagage meenemen
– op dagdagelijkse basis is het onhaalbaar

Tijd: 3u27’
Comfort: 2,5 op 5
Kostprijs: voordelig
CO2-uitstoot = 0

ELEKTRISCHE AUTO

E-auto - liggend

Daags voor we zelf de proef op de som nemen, komt Febiac met hoopgevende cijfers. «In 2014 zijn in ons land 1.166 elektrische wagens ingeschreven. Dat is een verdubbeling ten opzichte van een jaar eerder.» Tegelijk is er een keerzijde: uit navraag blijkt dat alleen al in Amsterdam meer laadpalen staan dan in heel België.

Het is dan ook met gemengde gevoelens dat we onze BMW i3 gaan oppikken. Enerzijds blijkt het beestje bijzonder comfortabel en vinnig te rijden, en dat zonder de geluidsoverlast van een brullende motor. Sterker nog: het zoemende geluid biedt een rustgevend gevoel. Anderzijds vragen we ons nu al af waar we het vereiste laadpunt gaan vinden. Om de volgende dag van en naar ons werk te kunnen rijden, moet de batterij volledig opgeladen zijn.

Na een zoektocht op internet belanden we in de NMBS-parking aan het centraal station van Antwerpen. Als we een parkinggebruiker om hulp vragen, reageert hij veelzeggend. «Elektrische auto’s? Nooit gezien hier.» Uiteindelijk vinden we de palen weggemoffeld in een hoekje op verdieping -4. Van de zes beschikbare plaatsen zijn er amper twee ingenomen. Een meevaller.

Als we onze wagen de volgende ochtend loskoppelen, hebben we opnieuw geluk. Omdat het proefproject nog loopt, moeten we niets betalen voor de energie en sparen we zo’n 4,30 euro uit. We komen er dus vanaf met de 10 euro kostprijs voor een nachtje in de parking. Geen overbodige luxe, aangezien een elektrische wagen al vrij duur is in aankoop.

Om zeker te zijn dat we heen en terug geraken, rijden we vervolgens extra zuinig. Dat wil zeggen: op het uiterst rechtse baanvak, aan 90 km/u tussen de vrachtwagens. Hoewel het pedaal op de terugweg wat dieper gaat, geraken we – zelfs met wat overschot – heelhuids thuis, carpoolende collega incluis. Tegelijk wordt duidelijk dat deze wagen niet gemaakt is om zorgeloos naar de het zuiden van Frankrijk of zelfs de Belgische kust te rijden.

+ veel milieuvriendelijker dan een gewone auto
+ rijdt comfortabel, zoemend geluid werkt rustgevend

– ook met een elektrische auto kan je in de file staan
– de infrastructuur is in België nog onvoldoende aangepast
– de constante blik op het batterijniveau werkt stresserend

Tijd: 59’
Comfort: 3 op 5
Kostprijs: eerder prijzig
CO2-uitstoot: 0

TREIN

Trein - liggend

Onze laatste test loopt via het spoor. Op tien minuutjes wandelen van thuis, nemen we de trein in Antwerpen-Centraal. Omdat we opstappen in het station van vertrek, hebben we de beste zitplaatsen voor het uitkiezen.

Onderweg zijn onze handen en gedachten vrij om Metro te lezen. Toegegeven : soms gebruiken we de treinritten ook om een uiltje te knappen, voor of na een dag labeur.

Als we bij aankomst in Brussel-Centraal naar ons uurwerk kijken, blijkt de rit exact 41 minuten te hebben geduurd. Mooi meegenomen is bovendien dat onze werkplek zich nagenoeg in het station zelf bevindt. We arriveren er ruimschoots op tijd, al rijden de treinen uiteraard niet elke dag zo vlot en rijden ze soms gewoonweg niet.

+ geen file
+ handen vrij om te werken, te lezen of te slapen

– soms onvoorspelbaar (door vertragingen, afgelastingen of stakingen)
– overbevolkt tijdens spitsmomenten

Tijd: 54’
Comfort: 4 op 5
Kostprijs: betaalbaar
CO2-uitstoot: 2,3 kg

Matthias Adriaensen