Floris van Bommel: een moderne klassieker

Schoenen vertellen meer dan je denkt. Schoenenicoon Floris van Bommel maakt handig gebruik van deze wetenschap. Hoewel de roots van het familiebedrijf teruggaan tot 1734, scoort het label vooral de laatste 20 jaar dankzij kleurrijke, kwaliteitsvolle en eigenzinnige collecties. Niet alleen het Nederlandse hof, maar ook Ozark Henry, Arid, metalband Textures en acteurs zoals Daniel Brühl of Rutger Hauer zijn fan. Metro sprak met het Hollandse brein achter het bijzondere succesverhaal, creatief directeur Floris van Bommel.

 

In jullie bedrijf hangt de spreuk ‘Wat je doet, doe dat goed’. Is dat jullie lijfspreuk?

«Mijn opa Jan van Bommel heeft die opgehangen toen hij onze fabriek opende in 1952. Maar de van Bommels doen al langer hun best. De eerste sporen dateren van 1734. In oude archieven vonden we een schuldbekentenis door Adrianus en Christianus van Bommel, waarbij het beroep ‘schoenmaker’ vermeld werd. De oudste overgebleven schoenen dateren van 1900. Die staan in ons museum.»

Hoe ben je er zelf in gerold?

«Het is genetisch aangelegd. Inmiddels behoor ik tot de negende generatie die in de schoenenbranche zit. Als puber wilde ik hier zeker niet komen werken, maar uiteindelijk ben ik er toch in gerold. Ik was vooral koppig en nonchalant. Het maakte me allemaal niets uit.»

Zijn er al kleine van Bommeltjes die het bedrijf kunnen overnemen?

«Inmiddels zijn er al vier kleine opvolgers, drie jongens en een meisje. De oudste is drie jaar, dus die hebben nog een lange weg te gaan. Ze kunnen eerst nog fantaseren over een toekomst als brandweerman en verpleegster.»

Hoe zou je je werkwijze omschrijven? 

«Beschouw het als een gezonde mix tussen verstand en intuïtief buikgevoel, met de nadruk op het laatste. We nemen vaak beslissingen die er niet komen door ze te beredeneren. Afgelopen seizoen zijn we bijvoorbeeld in zee gegaan met een singer-songwriter uit New York, Jay Brannan. We hebben 150.000 cd’s gedrukt, terwijl die jongen compleet onbekend is. We hadden voor hetzelfde geld kunnen kiezen voor een soap-ster of een populaire zanger. Dan hadden we in alle bladen gestaan en wellicht veel schoenen verkocht. Maar dat vinden we de gemakkelijke en minder interessante weg. Daarom vinden we het beter om een singer-songwriter te kiezen die wij zelf heel erg goed vinden en die ook wat publiciteit kan gebruiken. Dat is niet op korte termijn scoren, dat is op lange termijn een heel mooi verhaal vertellen en een mooi merk creëren.»

Waar heb je hem ontdekt?

«Op Youtube. Hij heeft geen management of platenmaatschappij. Hij doet alles zelf, maar hij toert wel de hele wereld rond. Hij behoort tot de nieuwe generatie artiesten die alles op eigen kracht doen. En hij is erg goed.»

Muziek speelt een belangrijke rol in jouw leven. Je hebt zelfs al met metalbands gewerkt?

«Dat klopt. Als je projecten doet die je zelf heel erg leuk vindt, dan straal je dat af op je bedrijf. Dan heb je een bedrijf met mensen die plezier hebben met wat ze doen. Ik hou erg van metalmuziek. Vooral als ik naar concerten ga, ben ik vaak onder de indruk van hoe authentiek en eerlijk ze hun ding brengen. Het laatste concert dat ik erg leuk vond was van de groep Pianos become the teeth.»

Houden Nederlanders meer van kleurrijke schoenen dan Belgen?

«De Belgen hebben de afgelopen twee jaar hun schade goed ingehaald. De Belgische man durft meer leuke spullen en schoenen kopen. Ze hebben ontdekt dat het geen kwaad kan om een klein kleurtje op je schoenen te hebben. En dan komen ze er achter dat mensen op hun werk dat nog cool vinden ook. Zo durf je de volgende keer weer een beetje meer.»

Is het soms niet vreemd dat je eigen naam een merknaam geworden is?

«Ja dat wel. Hoe bekender het merk, hoe vreemder het is om mijn naam te noemen. Het voelt een beetje zoals de telefoon opnemen en zeggen met Calvé-pindakaas of met Unox-erwtensoep.»

Hoe is jouw naam een merknaam geworden?

«Dat is begonnen als een probeersel. Mijn vader merkte tijdens de jaren 90 dat de Noord-Europese landen moderner werden. Hij wilde meer modieuze schoenen verkopen onder het merk van Bommel, maar dat werd niet geaccepteerd door de markt. De winkels wilden enkel onze klassieke schoenen kopen. En toen hij weer een lijntje hippe schoenen had ontworpen, dacht hij: ‘Ik geef het een andere naam en dan gaan de winkels het misschien wel kopen.’ En inderdaad, met mijn naam en een mooie foto werden we wel opgepikt.»

Hoe mooi is het schoenenvak?

«Uiteindelijk is elk beroep mooi als je het met liefde doet. Dan is zelfs kathederbuizen verkopen een mooi vak. Ik vind het mooi omdat we werken met een driedimensionale vorm. Dat heb je ook met auto’s en horloges. Je kunt ze vastpakken, ze hebben een gewicht en je kunt ze voelen en ruiken.»

Hoe moeilijk is het om te overleven in de luxe-sector?

«Het hangt helemaal van jezelf af. Zowel wat design als reclame betreft volgen we ons eigen spoor. Ik heb de indruk dat er altijd plaats is voor merken die hun eigen gang gaan, hoe groot de Prada’s of de Gucci’s ook zijn. Er is altijd ruimte voor creatieve, originele bedrijven.»

Hoe komt het dat zoveel Nederlandse merken het goed doen?

«Nederland is een volkje van ondernemers. In zuidelijke landen is dat toch allemaal wat minder. We zijn ook een beetje brutaler. Als je dat combineert met originaliteit en goed design kan je jezelf wel onderscheiden.»

Hebben jullie veel fans?

«Toevallig heb ik vandaag nog een pakketje op de post gedaan met een stripboek en een klein cadeautje voor een vrouwelijke klant. Ze had bij ons tien paar herenschoenen gekocht, maar dat maakt haar niets uit. Het gebeurt best wel vaak dat mensen Floris van Bommel schoenen verzamelen.

Ben je gefixeerd op schoenen?

«Ja, ik kijk voortdurend naar schoenen, zelfs zo vaak dat ik het niet altijd in de gaten heb. Dan sta ik in de kroeg en dan komt iemand lachend naar me toe die zegt dat ik altijd naar iedereen zijn schoenen sta te kijken. Het gaat zelfs zo ver dat ik van plaats wissel op een terras en met mijn rug naar de mensen zit. Anders wordt het echt te veel. Zelf ben ik niet zo netjes voor mijn schoenen. Ik draag gewoon telkens een paar dat ik hier ergens intern op de kop kan tikken.»

Leef je op grote voet?

«Mijn schoenmaat is maat 10 of 44. We werken met Engelse maten. Dat is historisch gegroeid. Ooit was het chique om te werken met Engels maten en dat is dus nog steeds zo. Ooit exporteerden we naar de hele wereld en dat kostte alleen maar veel geld en moeite. We hebben enkel Duitsland en België aangehouden.»

Wie zijn de belangrijkste ambassadeurs voor België?

«Geert Hoste, voor hem maken we elk jaar de schoenen voor zijn show. En we zijn altijd heel blij dat Marcel Van Thilt onze schoenen draagt. Hij krijgt elk seizoen een kast vol met onze schoenen. Ook de jongens van Arid hebben we een keer van schoenen voorzien en we hebben een mooie campagne gehad met Ozark Henry.»

Wie is Floris van Bommel?

Floris van Bommel (°1975) droomde ooit van een carrière als cabaretier, maar vandaag leidt hij samen met zijn oudere broer Reynier en jongere broer Pepijn het familiebedrijf. Floris stuurt de afdeling communicatie en het ontwerpteam. Sinds het ontstaan van het modieuze label Floris van Bommel in 1996, kiest hij daarbij nooit voor de gemakkelijkste weg. Alle campagnes, marketingstrategieën en collecties zijn stuk voor stuk het resultaat van zijn geniale koppigheid. Een ‘van Bommel’ eigenschap die blijkbaar haar vruchten afwerpt.

door Arne Rombouts