Duitsers kopen schip om vluchtelingen te redden

Twee Duitse zakenmannen hebben 150.000 euro geïnvesteerd in een schip dat vluchtelingen moet helpen die dreigen te verdrinken tijdens hun overtocht op de Middellandse Zee. 

Harald Höppner en Matthias Kuhnt kregen het idee in november, toen Duitsland de 25ste verjaardag van de val van de Berlijnse Muur herdacht. «We beseften dat we slechts enkele honderen kilometers van Duitsland verwijderd een nieuwe, gelijkaardige grens aan het bouwen zijn», zegt Kuhnt aan de Amerikaanse krant The Washington Post.

«Vorig jaar alleen al kwamen meer mensen om aan de grenzen van de EU dan tijdens de 27 jaar dat de Berlijnse Muur Duitsland in twee verdeelde.» Mensenrechtenorganisaties klagen al langer aan dat Europa niet genoeg doet om vluchtelingen die de Middellandse Zee oversteken in gammele boten te redden.

De twee Duitse zakenmannen beslisten dan ook om 150.000 euro te investeren in een 21 meter lang schip (foto), waarmee ze zelf op de Middellandse Zee gaan patrouilleren. Over enkele weken varen ze met het schip naar Malta, van waaruit hun drie maanden durende missie zal starten. Tientallen vrijwilligers hebben zich al gemeld om aan het project, dat Sea-Watch heet, mee te doen.

Er zal vooral worden gepatrouilleerd voor de Libische kust, tussen het Italiaanse eiland Lampedusa en de Libische hoofdstad Tripoli. Wanneer de medewerkers van Sea-Watch een vluchtelingenboot in nood opmerken, kunnen er reddingsvesten, water en voedsel worden voorzien. Het schip heeft ook enkele opblaasbare reddingsboten aan boord, en in een echte noodsituatie wordt de Italiaanse of Maltese kustwacht verwittigd. «De autoriteiten kunnen moeilijk een noodsignaal van een Duitse crew negeren», aldus nog Kuhnt.