Deze vier dingen hoor je rijke mensen nooit zeggen

Wie veel tijd doorbrengt tussen rijke mensen en de middenklasse, ziet al snel de verschillen in hoe de twee groepen spreken en denken over geld. De middenklasse heeft de neiging om negatief te zijn over geld en als het gaat over mogelijkheden om meer te verdienen, geloven de meesten niet dat dat mogelijk is.

Als je dat afzet tegen de ideologie van iemand die door zijn job rijk geworden is, krijg je een heel andere visie te horen. Ze geloven dat de mogelijkheden eindeloos zijn en ze bekijken geld als iets zeer positiefs. Je zal deze vier dingen dan ook nooit uit de mond van een rijke mens horen. Als de middenklasse zou stoppen met deze dingen te zeggen, zouden ze in staat zijn om zelf grotere sommen geld te verwerven.



1. “Ik kan mijn idee niet financieren”

Ondernemers en uitvinders geloven rotsvast dat hun idee the next big thing is dat levens kan veranderen. Meestal komen die grote ideeën nooit tot wasdom omdat de persoon niet gelooft dat hij het onderzoek of de ontwikkeling van zijn project kan financieren.

Platformen als Kickstarter waar men via crowdfunding aan de benodigde fondsen kan komen, hebben dat idee veranderd tot op zekere hoogte, maar als een rijk persoon een idee heeft dat hij niet kan financieren, gebruikt hij andermans geld om het toch te laten gebeuren.

De middenklasse zegt al snel “Ik kan het niet veroorloven” terwijl de rijken weten dat dat niet relevant is. De echte vraag is of het de moeite waard is om er tijd en geld in te steken. Als dat zo is, dan gaan rijke mensen op zoek naar grote investeerders en superieure performers om hun idee rendabel te maken.

2. “Ik verdien het niet om rijk te zijn”

Er bestaat een geloof onder de massa dat ze het recht niet hebben noch goed genoeg zijn als mens om te streven naar, te bidden of te hopen op een welvaart die hun basisbehoeften overschreidt. “Wie ben ik om miljonair te mogen worden? Wie ben ik om te mogen leven als een god in Frankrijk?”

Rijke mensen hebben de reflex om zich af te vragen “Waarom ik niet en hij wel? Ik ben net zo goed als iemand anders en verdien het net zo goed om rijk te worden.” En omdat ze dit geloven, maken ze sneller hun dromen waar.

3. “Ik kan het allemaal verliezen”

De massa werkt vanuit een angst dat ze hun zuurverdiende geld kunnen kwijtspelen. Ze vrezen dat als ze hun geld verliezen, ze niet in staat zullen zijn om het terug te verdienen. Rijke mensen beseffen dat als er winst te rapen valt, je ook zal botsen op verlies. Iedere belegger verliest geld, maar rijke mensen weten dat ze na een tijd altijd in staat zullen zijn om meer te verdienen. Hoe meer ervaring je opdoet, hoe slimmer je wordt en hoe makkelijker het is om deals met hoog risico te herkennen.

4. “Ik haat mijn baan”

De gemiddelde persoon tolereert zijn carrière en droomt van zijn welverdiend pensioen aan het einde. De meederheid van de mensen sleept zich elke ochtend naar een baan die ze niet graag doen, terwijl ze zich tegelijkertijd zorgen maken over het krijgen van hun ontslag.

Rijke mensen weten dat passie het geheim is om rijk te worden. Het is een oorzakelijk verband tussen inspanning en passie terwijl de massa passie zien als het effect, de groten zien het als oorzaak. De gemiddelde persoon gaat dus elke dag werken in de hoop passie te vinden in zijn of haar inspanningen. De rijken gebruiken passie als brandstof voor hun inspanningen.