NASA stuurt nu internet de ruimte in met een laser

De NASA heeft onlangs een grote stap voor de snelheid van het internet in de ruimte genomen. Eerder deze maand voerde het Amerikaanse ruimteagentschap succesvolle testen uit om data vanuit de ruimte naar de aarde te sturen.

NASA verzamelt heel wat data in de ruimte. Filmpjes, foto’s en wetenschappelijke gegevens die in de ruimte gecreëerd worden, moeten ook allemaal de aarde bereiken. Vroeger gebeurde dit via radiogolven maar dat neemt wel een tijdje in beslag. Nu heeft NASA een nieuwe manier ontwikkeld, waarmee ze veel sneller gegevens tussen de ruimte en de aarde kunnen uitwisselen.

OPALS, ofwel Optical Payload for Lasercomm Science, had zijn eerste succesvolle test op 5 juni. Toen werd er door middel van een laser een filmpje in hoge definitie van 36 seconden doorgestuurd van het internationale ruimtestation naar het Table Mountain Observatorium in Wrightwood in Amerika. Dat nam zo’n 3,5 seconden in beslag, terwijl dat met radiogolven zo’n tien minuten zou duren.

Volgens NASA kunnen gegevens verstuurd worden met een snelheid van 50 Mbps met dit systeem, een degelijke snelheid als je weet dat de gemiddelde Belgische internetverbinding een snelheid van 9,7 Mbps heeft. De moeilijkheid met de laser is dat die  accuraat moet stralen vanuit een bewegend object, zoals het internationale ruimtestation. Onze internetverbinding zal dus nog niet meteen door lasers worden vervangen.