Japans museum onthult haast menselijke robots

Vandaag opende in het Miraikan museum, ook wel bekend als het Nationaal Museum voor Opkomende Wetenschap en Innovatie, in Tokio een tentoonstelling met twee haast menselijke robots. De robots kunnen het nieuws voorlezen, moeilijke tongtwisters correct uitspreken en hun handen en gezicht bewegen zoals mensen dat zouden doen.

Kodomoroid en Otonaroid zijn het project van Hiroshi Ishiguro, een expert in robotica en een professor aan de prestigueze Universiteit van Osaka. Volgens hem zal deze tentoonstelling nuttig zijn voor zijn onderzoek naar hoe mensen en robots communiceren en wat mensen onderscheidt van robots.



“Het maken van een androïde (robots die op mensen lijken) zet ook aan tot nadenken wat het is om mens te zijn”, zei Ishiguro tegen reporters. “Je denkt dan na over vragen als ‘Wat is denken?’, ‘Wat zijn emoties?’ en ‘Wat is bewustzijn?’.

Er waren nog kleine probleempjes tijdens de voorstelling. Zo bewogen de lippen van Kodomoroid op een bepaald moment niet tijdens het lezen en blijf Otonaroid twee maal stil toen ze gevraagd werd om zich voor te stellen. Maar ondanks de probleempjes kunnen de bezoekers van het Miraikan museum vanaf morgen interacties hebben met haast levensechte robots.

Ishiguro maakt al meer dan 20 jaar robots en zijn aanpak is anders dan die van andere experten in robotica. Hij staat erop dat de robots menselijk lijken. Hij creëerde zelfs robots die op hemzelf lijken, die dan overzees lezingen kunnen geven in zijn plaats. Andere robotexperten vinden dat de menselijke gelijkenis de robots griezelig maakt en verkiezen om de robots te laten lijken op machines.

Volgens Ishiguro is Japan de koploper als het komt op robots die als speelse compagnon moeten dienen. Robots worden ook steeds goedkoper in Japan. Zo stelde het Japanse internetbedrijf Softbank onlangs Pepper voor, een robot die op C-3PO uit Star Wars lijkt en amper 200.000 yen (1.500 euro) zou kosten. “Robots worden nu betaalbaar en binnenkort zal iedereen er eentje hebben, net als een laptop”, besluit Ishiguro.