Jean-Luc Dehaene overleden

Oud-premier Jean-Luc Dehaene is overleden aan de gevolgen van een ongeval in Frankrijk.

Hij was onwel geworden toen hij een bezoek bracht aan de koekjesfabriek Le Glazik van de Lotus-groep in Briec (Bretagne). De oud-premier, die tot maart 2011 bestuurder was bij Lotus, gaf een vermoeide indruk bij zijn aankomst aan de fabriek en het bezoek werd snel ingekort, vertelt fabrieksdirecteur Marc Berger.

De 73-jarige Dehaene was premier van België van 1992 tot 1999. Eerder dit jaar werd de staatsman geopereerd van een pancreastumor.

Zijn zoon maakte het nieuws bekend op Twitter.

“Ons land verliest met het overlijden van Jean-Luc Dehaene een groot staatsman. De partij een steunpilaar”, dat stelt CD&V-voorzitter Wouter Beke . “Met ongeloof heeft CD&V vandaag het overlijden van voormalig eerste minister en christendemocratisch boegbeeld Jean-Luc Dehaene vernomen. Dehaene was op vakantie in Frankrijk met zijn echtgenote en vrienden. Ten gevolge van een val is hij daar overleden”, luidt het in een mededeling van de CD&V. De partij biedt de familie haar diepste blijken van medeleven aan.

Minister-president en partijgenoot Kris Peeters prijst Dehaene in een mededeling als “een kundige en deskundige onderhandelaar, iemand met een ongeziene dossierkennis”. Hij stelde die sterktes volgens de minister-president “altijd ten dienste van de samenleving”. “Hij had de gave om verschillende opinies samen te brengen en tot oplossingen te komen.”
Dehaene is volgens Peeters de “vader van het federale België”. Met zijn gezag was Dehaene “de stuwkracht” achter het Sint-Michielsakkoord. Daarnaast voerde zijn regering “een stringent begrotingsbeleid” dat ervoor zorgde dat België de aansluiting met de eurozone niet misliep.

Ook spa-voorzitter Bruno Tobback spreekt van een groot verlies voor ons land. “België plukt anno 2014 nog steeds de vruchten van het werk van Dehaene, zegt Tobback. “Zijn overlijden is spijtig voor zijn familie en voor het land.”
Tobback denkt niet dat Dehaene nog een grote rol van betekenis had kunnen spelen in de nationale politiek. “Ik heb niet de indruk dat hij daar nog mee bezig was. Wel gaf hij deze en gene regelmatig nog zijn mening. Ik denk dat ze goed aan deden om daar ook rekening mee te houden.”